Blog

Wexit

door: Janet van Klink / 19 juni 2016

Nog een paar dagen aan dan is het B-day voor de Britten. Ik heb me niet in de Brexit verdiept. Mijn pijlen waren gericht op strubbelingen aan de andere kant van de Noordzee.

Eerst toch even iets over onze buren in het westen. Al mogen de discussies tussen voor- en tegenstanders van de Brexit dan hoog oplopen. De bewoners zijn in mijn ogen altijd al een eigengereid volkje geweest. Sinds 1973 lid van de Europese Economische Gemeenschap. Een decennium later riep minister-president Margaret Thatcher de legendarische woorden: 'I want my money back.' Als ik uittreding van één EU-lidstaat had verwacht dan was deze het wel. Vreemd genoeg laat het EK voetbal in Frankrijk met elftallen als dat van Wales en Noord-Ierland nog iets zien. Het Verenigd Koninkrijk is als het er op aankomt bepaald geen eenheid. Noch in historisch en cultureel opzicht. Noch in politiek opzicht. De regio's hebben hun eigen trots en bestuur. En juist de EU was en is voor de regio's van belang. Bij een Brexit krijgt Cameron er een probleempje bij.

Ook aan de overzijde van de Noordzee woont een eigenaardig volk. Feitelijk zijn de inwoners van het mooie Westvoorne eveneens geen eenheid. Een deel - en dat geldt niet in het laatste voor de lokale politiek - voelt zich meer bewoner van één van de drie dorpen. Een deel van de bevolking is er weer van overtuigd dat dat z'n weerslag heeft op het beleid. Als het gemeentebestuur zich al als eenheid laat zien dan is het veelal omdat het moet. Bijvoorbeeld om zich te verweren tegen iemand die daadwerkelijk de touwtjes in handen heeft. Niet Brussel in dit geval, maar de buurman, het grote en machtige Rotterdam. Ruzie in het gemeentebestuur is al jaren meer regel dan uitzondering. Niets is te gek. Vorige maand bereikte de politiek met een complete exit een tragisch dieptepunt. Raadsleden kregen ruzie met hun eigen partijbestuur en gingen er met hun raadzetels vandoor. De coalitiepartij ging plotsklaps van vier naar nul zetels. Een complete fractie die uit de partij stapt. Zoiets kent zelfs Den Haag niet. Het Verenigd Koninkrijk moet het ons over een paar dagen maar nadoen.

Amazing! Alleen een koude woelige Noordzee scheidt de twee. De grootmacht van weleer en de plattelandsgemeente hebben hier en daar wel wat overeenkomsten. In beide besturen zitten mensen die denken hun eigen boontjes te kunnen doppen. Wil je weg? Ik zou zeggen: take it or leave it. Het is je eigen keuze. Bedenk de consequenties voor de mensen voor wie je er zit. Een stoere 'wij gaan zelf wel verder' kan grote gevolgen hebben. Zowel binnen als daarbuiten. Men denkt het eigen land sterker te kunnen maken. Het tegengestelde ligt op de loer. Hoe behoudt het Verenigd Koninkrijk zich zonder steun uit Brussel? Pikken de inwoners van Schotland, Wales en Noord-Ierland dat? Hetzelfde geldt voor Westvoorne. Een oude partij lijkt op de rand van de afgrond te staan. Zijn de dissidenten in een nieuw jasje houdbaar na de verkiezingen? En wat met de gemeente zelf? De burgers zullen balen. Voor de op herindeling beluste bestuurders van hogerhand is het afwachten en toeslaan.

De wereld kijkt komende dagen naar The UK. In the meantime, They Hague is wachting us. We zullen het de komende tijd allemaal gaan zien. Na de Brexit de Wexit?

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

De nieuwe oorlog

door: Janet van Klink / 23 april 2016

Begin volgende maand leeft Nederland 71 jaar in vrijheid. Toch woedt er bijna ongemerkt een nieuwe strijd. Een 'oorlog' tegen de toekomstige generaties.

De generatie van mijn grootouders streed voor onze toekomst. Wij kunnen door hun inzet vandaag de dag in vrijheid leven. Door een simpele gang naar de stembus zetten we onze politici aan de kant als we ze zat zijn. Spreken en schrijven over wie en wat je maar wilt. Waar strijden wij voor? Wat zijn onze idealen? Oud-D66-politicus Jan Terlouw verwoordde het onlangs heel mooi. Vroeger ging men de straat op om te protesteren tegen iets als kruisraketten. Tegenwoordig zijn burgers vooral voor zaken als studiefinanciering of de kinderopvang, die ons in de portemonnee raken, te porren. Idealen lijken amper meer een rol te spelen. Het is geld dat de hedendaagse mens steeds meer in de wurggreep heeft. Wie de hebzucht van de mens wil begrijpen moet eens naar het programma Miljoenenjacht kijken. Een praktisch psychologisch experiment. Wie wil er nou niet plotsklaps 5 miljoen euro op zijn of haar bankrekening?

Ik snap de deelnemers van Miljoenenjacht dus ergens wel. Wie regelmatig kijkt ziet echter dat grote hebzucht vreemd genoeg door het lot wordt bestraft. Wie bijvoorbeeld 'nee' zegt tegen een lucratief bod van de bank van zo'n 3 ton kan het al gauw schudden. Hup, daar trek je ineens alle miljoenenkoffers. Weg zijn je (fictieve) tonnen. Een deelnemer sloeg alles. Hij drukte per ongeluk op de knop voor een 'deal'. Voor een bedrag waar een ander een moord voor zou doen. Meneer stapte naar de rechter omdat hij had willen doorspelen. Eis: alsnog de 5 miljoen euro die hij in zijn koffer had. Vreemd genoeg vond ik het motief van zijn advocaat weer sympathiek. Hij heeft een hekel aan het fenomeen Postcode Loterij. Aangezien je postcode je lot is speel je automatisch mee en word je min of meer gedwongen mee te doen. Daar zit iets in. Eerlijk is eerlijk, wie vindt het nou leuk als de buren winnen en jij niet.

Over honderd jaar is er waarschijnlijk niemand meer die zich die ene deelnemer van Miljoenenjacht herinnert. Wat voor wereld laten hij en zijn medeburgers achter? Wat wordt het resultaat van onze hebzucht? Ik zie het niet al te positief in. Politici van hoog tot laag prediken dat we beter voor het milieu moeten zorgen. Windparken, zonnepanelen, elektrische auto's, noem maar op. Visies genoeg. Diezelfde mensen stappen iedere dag massaal in de auto naar het werk. Of zelfs voor een pak melk naar de supermarkt. Als het een beetje meezit op de elektrische fiets. Ze gaan op vakantie met het vliegtuig naar een tropische bestemming. Of in een luxe vakantiehuisje in de een van de vele parken aan de kust. Welke Nederlander weet over zeventig jaar nog een authentiek duinlandschap te vinden? Als het al niet overspoeld is als gevolg van het stijgen van de zeespiegel. Met onze welvaart brengen we het welzijn van de wereldbewoners na ons in gevaar.

Materialisme heeft de overhand in deze maatschappij gekregen. Wie zijn we dat we dit allemaal mogen doen? Ik vrees dat we daar geen enkele reden toe hebben. Het roer moet om.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Yes we can

door: Janet van Klink / 14 februari 2016

Wat Amerika kan, dat kunnen wij ook. De grote broer organiseert het evenement al sinds de jaren twintig. Nu was het dan hier zover. Het Correspondents' Dinner vanuit de Beurs van Berlage.

Wat kan ik er van zeggen? Het leek bij voorbaat leuk; de premier mocht de almachtige media op de hak nemen. Matthijs van Nieuwkerk boven de Balkenende norm vond ik aardig. Klopt als een bus. Nog leuker was Jan Slagter (wat keek hij zuur) en zijn jonge blom. Was ook wel een inkoppertje, natuurlijk. Net als Mark en zijn vriendin. Wat een zelfreflectie. Verder kan ik me enkele dagen na de happening niet veel meer van zijn speech herinneren. Meer nog van de mensen in het publiek. Een staande ovatie van Neelie Kroes (een trouwe steunpilaar). Een gierende Gordon (had van mij mogen speechen). En Ruud Gullit (wat deed die daar?) Grote afwezige (of heb ik hem gemist?) was Harry Mens. Had me er wel een type voor geleken. Zijn programma vind ik altijd lekker ontspannend zo op de late zondagochtend. Om Business Class moet ik wel hardop lachen. Zelfs om de reclames.

Al met al een beetje triest zooitje dat Correspondents' Dinner. De premier met mediamensen en BN'ers bij elkaar. Allemaal opgedirkt in smokings en galajurken. Je kreeg aan het einde van de uitzending meer de indruk dat politiek en media in wezen weinig van elkaar verschillen. Veelal overtuigd van zichzelf. Het galadiner schijnt vier jaar geleden al afgesproken te zijn. Zijn ze lekker snel. Of speelt er meer mee? Ik las dat de VVD volgens een peiling er na de uitzending twee zetels bij zou krijgen. Mooi meegenomen nu we langzaam aan richting de verkiezingen gaan. Ik kan me goed voorstellen dat het NRC Handelsblad voor de eer voor het diner bedankte. Al ben ik er van overtuigd dat hier ook een strategie achter zit. In een tijd waarin oplages van kranten dalen is het goed om je te onderscheiden van je concurrenten. Jezelf kritisch en onafhankelijk neerzetten. Dezelfde hoofdredacteur schuift overigens aan bij een populair programma als De Wereld Draait Door.

Zou ik zelf naar het Correspondents' Dinner zijn gegaan? Ik zou bij voorbaat 'nee' zeggen, maar de vraag is of ik er nog zo over denk als ik een uitnodiging heb. Daarbij moet ik melden dat ik iedere maand al een Correspondents' Lunch heb. Ik ga. Vanuit een beroepsmatig aanwezigheidsbesef. Het is een bijeenkomst zonder grappen en grollen. Meer een maandelijks vragenuurtje. Niet echt kritisch. Hoofdzakelijk met een informerende invalshoek. Zonder galajurken en smokings. Niemand die er iets van zou zeggen als ik mijn spijkerbroek aantrek. Waren we vroeger met zo'n vier journalisten bij een lunch; tegenwoordig met niet meer dan twee. Heel vaak ben ik de enige. Ook dit straalt de staat van de lokale en regionale media uit. Misschien moeten ze het evenement eens opsmukken met lokale celebrities. Trekt vast pers aan. Een thrillerschrijfster, een profvoetballer, een Quote 500 personage. De gemeente heeft wat in huis. Het muziekkorps kan een deuntje spelen.

In het land van de onbegrensde mogelijkheden slaat een Correspondents' Dinner vast en zeker aan. In het land van de begrensde mogelijkheden is het wat mij betreft nog te hoog gegrepen. Laten we eerst maar eens kritisch kijken naar onszelf en alles om ons heen dan naar elkaar.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Unieke wereld

door: Janet van Klink / 20 november 2015

Het jaar 2015 lijkt te eindigen zoals het begon. Koelbloedige schietpartijen met kalasjnikovs, opeenvolgende politieacties en alsmaar groeiende terreurdreiging. De wereld draait door.

Het leek de goede kant op te gaan. Wie dacht er eigenlijk nog aan de aanslagen in Parijs van afgelopen januari? Op de mislukte aanslag op de Thalys in augustus dan na. Sinds vorige week is iedereen abrupt uit zijn slaap wakker geschud. Iedereen. De acties op Charlie Hebdo en de koosjere supermarkt waren doelgericht. Nu is niemand meer veilig. Iedere willekeurige burger kan het slachtoffer worden van terreur. Het is een sombere gedachte. Toch voor mensen van mijn generatie inmiddels geen vreemde gewaarwording. Zij die een slag ouder zijn dan ik zijn in de jaren '90 opgegroeid in welvaart en er was vrede in West-Europa. Voor mensen van mijn generatie is dat al anders. 9/11 Deed je al jong beseffen dat niemand echt veilig meer was. De economie stagneerde in een tijd dat je het moest gaan maken. Het is niet altijd even leuk en makkelijk om dan op te groeien.

De Wereld Draait Door. Veel kijkers zijn boos op presentator Matthijs van Nieuwkerk. Hij meldde tussen neus en lippen door dat de wedstrijd van Oranje werd afgelast wegens terreurdreiging. Vervolgens hapte hij door aan de taart die voor zijn neus stond. 'Heerlijk!' Heel even geen autocue, maar gewoon zeggen wat als eerste in je opkomt. Het programma doet met deze woorden zijn naam eer aan. Bijna een jaar na Charlie Hebdo is het ook voor het populaire DWDD business as usual. Onverschilligheid is net zozeer een welvaartsziekte als overgewicht. Dit doet me denken aan een ander programma. Bij De Rijdende Rechter zegeviert het kleinburgerlijk leed. De laatste uitzending van meester Frank Visser stelde de kijker niet teleur. Een veertig jaar oude ruzie tussen buren was uitgegroeid tot een ware buurtruzie, waarin iedereen partij diende te kiezen. Het was voor de rechter klip en klaar: een hoge afscheiding is hier niet genoeg. Op deze buurt moet een expert worden gezet.

Je kunt het bovenstaande natuurlijk als iets prachtigs beschouwen. Zolang we nog taart eten en jarenlang onophoudelijk keffen tegen onze buren is er niets ernstigs aan de hand. Of zijn deze mensen blind voor zaken die er echt toe doen? Ik vind het laatste. Er zijn belangrijkere zaken in de wereld waarover moet worden nagedacht. En actie voor moet worden genomen. Het doet me denken aan een recente lezing over een jonge vrouw in de oorlog. De donkere jaren drukten een stempel op haar latere leven. Desondanks kon ze met een andere blik op de oorlogsjaren terugkijken: het ging ergens om. Een blijvende les voor ons allen. Je kunt als jong mens vandaag de dag je kop in het zand steken. De wereldgebeurtenissen kunnen je net als toen ook tot nadenken zetten. Wie ben ik, aan wie wil ik loyaal zijn, wat wordt er van mij verwacht en wat verwacht ik van mezelf?

Het nieuwe millennium mag dan geen makkelijke tijd zijn voor ons wereldbewoners. Het is tegelijkertijd een unieke, uitdagende wereld waarin we leven. Het vraagt om de nodige kennis, zelfkennis en daadkracht. De kans om jezelf tot een hoger niveau te tillen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

De Olympus

door: Janet van Klink / 4 september 2015

De thuisblijvers konden deze zomer genoeg Europese cultuur opsnuiven. Van een sterk staaltje Griekse democratie, via het lieflijke Oostenrijk tot aan een oer-Hollandse traditie.

In het land van de bakermat van de democratie gaan ze in 2015 het hele jaar door naar de stembus. In januari waren de parlementsverkiezingen. Met wat voor resultaat. De premier en zijn flamboyante minister van Financiën zouden het wel even gaan maken in Europa. Het liep anders. Aan het begin van de zomervakantie mochten de Grieken opnieuw naar de stembus. Het werd een 'nee' tegen de Europese voorstellen. Later die maand werd alsnog een overeenkomst bereikt. De Griekse tragedie kwam hiermee pas op gang. Nu pikten Tsipras' bloedeigen parlementsleden het niet langer. Zij splitsten zich af en richtten een eigen partij op. Het lijkt bijna de Nederlandse politiek. De premier diende zijn ontslag in en de Grieken moeten voor de derde (en laatste keer?) dit jaar kiezen. De wraak van de goden. Vanaf de Olympus tarten zij de stervelingen op aarde.

Over de azuurblauwe wateren overspoelen vluchtelingen de goddelijke Griekse eilanden. Europa heeft er een gigantisch probleem bij. Wie biedt onderdak? Het NOS Journaal weet het. Een Nederlander in Oostenrijk wil ze met open armen ontvangen. Niet louter vanuit puur medelijden. Het zou een lekkere vaste inkomstenbron zijn voor zijn pension. Zijn schoorsteen moet immers roken. Hij blijft gewoon Nederlander. Waarom niet? Beide kampen zijn ermee geholpen. Zij het niet dat zijn Oostenrijkse dorpsgenoot daar aanzienlijk minder trek in had. Hij stak dat niet eens onder stoelen of banken. 'Het is ons dorp,' zo luidde zijn boodschap. Zonder inbraken en diefstallen. En houden zo. Nog een bizar berichtje deze week. Drie kleine kinderen van vluchtelingen werden meer dood dan levend gevonden in een smokkeltruck. Ze zijn naar het ziekenhuis van Braunau gebracht om op te knappen. Hitlers geboorteplaats. Het tij kan keren.

In ons eigen kikkerlandje is met het verschijnen van de eerste kruidnoten in de winkels weer de Zwarte Pietendiscussie losgebarsten. Ik ben absoluut geen racist, maar ik zou bijna een hekel krijgen aan de mensen die zo tekeer gaan tegen een oer-Hollandse traditie. Zijn alle Nederlandse kinderen racist geworden? Ik denk het niet. Hij wordt juist neergezet als een kindervriend. Een groot compliment. Als we zo beginnen kunnen we overigens nog wel even doorgaan over het Sinterklaasfeest. Zwarte Piet is een mannelijk persoon. Doen we bijna de helft van de bevolking tekort. Sinterklaas is een absolute alleenheerser. Een oude vreemde vent met een lange baard. Heerlijk om je kinderen bij op schoot te laten zitten. Nee, ik neem die discussie niet serieus. Laat de tegenstanders maar eens de NOS uitzending over dat liefelijke Oostenrijkse dorpje bekijken.

Gelukkig hadden wij thuisblijvers het programma We zijn er Bijna! Van Omroep MAX. Gewoon met de auto naar Griekenland. Met genoeg geld op zak en zonder verstekelingen in de caravan. Je grootste problemen zijn het verkrijgen van het mooiste plekje op de camping en die overhangende tak daar. Wat kan Europa toch mooi zijn.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

I'm dreaming of a

door: Janet van Klink / 2 juli 2015

De maand juli is weer begonnen. Als kind had ik al een hekel aan het begin van de zomer. Sommige smaken kunnen veranderen als je ouder wordt, maar deze zeker niet.

De zomer is eigendom van de jonge gezinnen. Als vrouw zonder schoolgaande kinderen heb ik er vaak niet eens erg in dat de grote vakantie is begonnen. Ik merk het pas aan de 'automatic replies' met de boodschap 'ik ben er de komende weken niet', die ik al een seconde later als reactie op mijn mails krijg. Balen als je net met een prangende vraag zit voor je werk. Als je geluk hebt gevolgd door de tekst 'in geval van spoed kunt u contact opnemen met...' En dan maar hopen dat die persoon je verder helpt. Ik weet natuurlijk maar al te goed dat geen enkel mens onmisbaar is. Iedere werknemer heeft recht op vakantie, maar lastig is het voor de werkenden in de maanden juli en augustus soms wel. Misschien is het voor mij ook eens de hoogste tijd voor een beetje ontspanning. Helaas is er voor de thuisblijvers niet veel aan. Het sociale leven beleeft ook een zomerstop.

Op naar de afstandsbediening! Aan de televisie merk je niet eens meer dat er een zomerstop is. De programma's gaan tegenwoordig al in het voorjaar van de buis. Bestaat het ochtendprogramma Vandaag de dag nog? Ik heb het al weken (of maanden?) niet meer gezien. Mijn behoefte aan actualiteit is groot. 's Avonds gaat het met de actualiteitenprogramma's iets beter. Wat betreft de rest: herhalingen, herhalingen, herhalingen. Neem het programma Bed&Breakfast. Gelukkig alweer voorbij. Na de eerste uitzending weet ik wel op welke mooie plekjes ik kan overnachten. In de herhaling kon ik moeiteloos opsommen wat ik op welk adres mag verwachten: een glad trappetje, geen plankje boven de wastafel, een ordinaire prijslijst voor koffie en thee en ga zo maar door. Mijn favoriete Engelse detectives op woensdagavond bieden hoop. Ik heb er zoveel gezien dat ik de eerste minuten niet meer weet wie het gedaan heeft. Na een half uur valt het kwartje en is de lol eraf.

Lonkt het strand niet met deze dagen? Nee, juist als je bij het strand woont kom je er in de zomer nooit. Veel te druk. Veel te warm. Ik bedacht me van de week dat het over een half jaar kerst en oud en nieuw is. Nou vind ik de feestelijke decembermaand ook niet 'the most wonderful time of the year'. Wat een zeurpiet ben ik toch, zou je zeggen. Het vooruitzicht bracht me op het volgende idee: ik ga nu de kerstboom van zolder halen. Ik heb er zo eentje compleet met ballen en siercadeautjes. Alleen de takjes moet ik uit elkaar halen. Zo gepiept. En de cd met kerstliedjes ligt gewoon tussen de andere cd's. Kerst in de tropen staat op mijn lijstje 'things do in life'. Wat let me? Mijn moeder zou zeggen: 'je weet niet wat je wilt.' Maar ik weet het zeker. Al die mensen in Australië die Nieuwjaar op het strand vieren maken me ieder jaar weer stinkend jaloers.

Bij de kerstboom droom ik weg van alles wat ik in september mag verwachten. Wat brengt het nieuwe politieke jaar me? Wat zet ik allemaal op papier? Wat doe ik op mijn vrije avond? Ik beeld me in dat ik de afstandsbediening pak en kijk naar een wat oudere, verwarde man met een bril en ruitjesoverhemd, die allemaal gemene dingen doet. Het is de nieuwe Nederlandse dramaserie 'De Afpersopa'.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Gone With The Wind gevoel

door: Janet van Klink / 14 mei 2015

Soms wint de beeldvorming het van de realiteit. Dit gegeven besefte ik me maar al te goed toen ik vorige week de nieuwe biografie 'Bep Voskuijl. Het Zwijgen Voorbij' las.

Als middelbare scholier kondigde ik bij mijn docente Engels eens een boekpresentatie over de Amerikaanse roman 'Gone With The Wind' aan. Haar eerste reactie: 'what a romantic you are!' Iedereen die dat zegt kent het boek niet. Deze dikke pil is een en al drama. Hoofdpersoon Scarlett O'Hara moet zien te overleven tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Haar wereld gaat ten onder. Pas op de laatste bladzijde beseft ze van wie ze houdt. Zo'n zelfde gevoel kreeg ik pas weer. Ik dacht dat de biografie over helpster Bep Voskuijl vooral over het verraad van het Achterhuis zou gaan. Niemand minder dan haar bloedeigen zus Nelly kon hierdoor aan het verdachtenlijstje worden toegevoegd. En juist het verraad interesseert me in het hele 'Anne Frank verhaal' niet. Tot ik in het boekenprogramma van Wim Brands een genuanceerder versie over het boek hoorde. Ik besloot toch te gaan lezen.

Na de massale media-aandacht verwacht je dat de zusterverhouding minstens als een rode draad door het boek heenloopt. Van de ruim tweehonderd pagina's tekst gaan alleen de laatste twaalf over Nelly. Eén ding staat daarentegen wel centraal: hoe een jonge vrouw betrokken raakte bij de beroemdste onderduik ter wereld en hoe het mislukken daarvan haar verdere leven beïnvloedde. Zij was geen 'stoere' Ellis Brandon die naar Engeland ging. Zij was geen studente Hannie Schaft die heldhaftig in eigen land een pistool ter hand nam. Bep was een vrolijk Amsterdams meisje dat al voor de oorlog na een avondstudie bij Schoevers als kantoorbediende bij Opekta terechtkwam. Haar joodse baas vroeg haar tijdens de bezetting hem te helpen. De rest is geschiedenis. Zelf had ze willen studeren, maar dat ging in crisistijd niet. Toen probeerde Bep met gevaar voor haar eigen leven twee meisjes die goed konden leren te redden. Het feit dat dit - op het laatst - mislukte was voor haar een onverdraaglijke gedachte.

Het was te verwachten dat de media massaal de aandacht zouden vestigen op een nieuwe verdachte. Dé vraag die iedereen al zeventig jaar bezighoudt. Maar het is buitengewoon jammer dat uitgerekend de Anne Frank Stichting in een bericht op de eigen website alleen op collaborerende Nelly ingaat. Het verraad is iets - en dat geldt voor alle verraadtheorieën over het Achterhuis - dat niet meer keihard te bewijzen valt en dus altijd te weerleggen. De biografen komen vooral met veel nieuwe anekdotes over wat er tijdens de onderduik aan de voorkant van Prinsengracht 263 gebeurde. Het is van de stichting bovendien een gemiste kans omdat in het boek veel interessantere gegevens over die 4e augustus 1944 staan. Beps 'vlucht' van de Prinsengracht, haar telefoontje naar kantoor en de bizarre reactie van haar zieke vader, de maker van de boekenkast. En last, but not least, de dagboeken. Die zouden in tegenstelling tot wat andere auteurs beweren niet op diezelfde fatale 4e augustus zijn gevonden.

Ik hoop dat de stichting alsnog met een uitgebreidere reactie komt op de biografie over Annes vertrouwelinge in het Achterhuis. Het is Bep onwaardig om slechts op één, vrij eenvoudig te weerleggen, onderwerp in te gaan. Deze jonge vrouw werd, wrang genoeg net als de hoofdpersoon in het ook door Anne gelezen Gone With The Wind, gevormd door een oorlog. Haar leven was nooit meer hetzelfde.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

De maand van

door: Janet van Klink /18 april 2015

Dachten we intussen alles over Anne Frank te weten? Mis! De afgelopen week doken plotseling twee opmerkelijk nieuwe 'feiten' op over de wereldberoemde dagboekschrijfster.

De herdenking van 75 jaar Duitse inval in Nederland en 70 jaar bevrijding. Iedereen die niets met de Tweede Wereldoorlog heeft kan de komende tijd maar beter even onderduiken. Anne Frank heeft inmiddels haar maand gehad. Na magazijnchef Willem van Maaren, schoonmaakster Lena Hartog, nazi Tonny Ahlers en de joodse verraadster Ans van Dijk kunnen we sinds begin april iemand aan het verdachtenlijstje toevoegen: collaborateur Nelly Voskuijl. Niemand minder dan de zus van. Ik heb de biografie over helpster Bep Voskuijl niet gelezen, maar zet er meteen mijn vraagtekens bij. Weer een verdachte? Waarom is iemand die zo dicht bij de 'inner circle' stond niet eerder duidelijk in beeld geweest? Ik hecht er weinig waarde aan. Meer dan 70 jaar later kan je het niet meer hard maken. De direct betrokkenen zijn dood. De Gestapo bewaarde geen bonnetje.

Ik sta meer achter de lezing van het NIOD. Iedereen kan het gedaan hebben. De keren dat ik in het onderduikadres aan de Prinsengracht ben geweest, verbaast het me telkens weer dat de onderduikers niet veel eerder zijn verraden. Het is een wonder dat ze het daar meer dan twee jaar hebben volgehouden. Al die huizen. Al die mensen die iets gezien kunnen hebben. We zullen waarschijnlijk nooit weten wie er op de 4e augustus 1944 's ochtends de telefoon heeft gepakt. Ook Annes lijdensweg daarna is omgeven door vraagtekens. De Anne Frank Stichting kwam eind vorige maand met het nieuws naar buiten dat Anne en haar zus hoogstwaarschijnlijk maart 1945 niet hebben gehaald en al in februari zijn overleden. Dit is ook niet geheel nieuw. Zelfs in de uitgave haar eigen dagboek worden zowel februari als maart als mogelijke sterfmaand genoemd.

De onbekende verrader, die er waarschijnlijk zonder straf mee weg is gekomen. De onschuldige, ooit levensluchtige tiener, die helemaal alleen, op een onbekende dag, doodziek, haar laatste adem uitblies. Het draagt allemaal bij aan de mythevorming rond Anne Frank. We zouden het zo graag willen weten. Maar niemand kan het antwoord geven. Haar neef Buddy, voor Anne altijd Bernd gebleven, was haar laatst levende familielid. Ze konden het erg goed met elkaar vinden. Hij kon de wereld nog vertellen hoe zij was. Al hadden ze elkaar voor het laatst in 1938 ontmoet. Buddy begon toen aan zijn tienerjaren. Zij was nog maar een kind. Anne schreef in haar dagboek dat ze zo graag met haar jongste neef uit het neutrale Zwitserland wilde schaatsen. Nu is ook Buddy niet meer. Hij overleed op 16 maart, 70 jaar na zijn nichtje. Het overlijden van 'de neef van' was wereldnieuws.

We vragen ons vaak af of Anne, als ze was blijven leven, een beroemd schrijfster was geworden. Ook deze vraag blijft onbeantwoord. Haar eveneens getalenteerde neef helpt ons verder. De dag dat zij samen schaatsten is nooit aangebroken. Buddy schaatste na de oorlog voor Holiday on Ice en werd acteur. Zij kreeg nooit de kans om te doen waar ze van droomde. Hij wel en greep die met beide handen aan.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Kilometervreter

door: Janet van Klink /12 maart 2015

Nederland was in de ban van de wolf. Het mythologische dier maakt na anderhalve eeuw afwezigheid een tournee door het noorden. Nog geen week later is hij terug naar de Heimat.

Onze nieuwe publiekslieveling had er in die paar dagen Nederland meer dan honderd kilometer opzitten. Eerst verscheen hij slechts voor een enkele gelukkige voorbijganger in nietszeggende Drentse plaatsen als Erm, Ekehaar en Annen. Toen rukte de wolf in rap tempo op naar Groningen. Daar verscheen hij en plein public. De comeback kid liep in een woonwijk van Hoogezand alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Om het feestje voor de lokale bevolking helemaal compleet te maken bracht hij ook nog een bezoek aan de plaatselijke Action. Toch een beetje spijtig dat de wolf van alle provincies uitgerekend voor Groningen koos. De inwoners zien elke dag al met angst en beven tegemoet. Iedere dag kan de aardbodem weer gaan trillen. Ze deden vast helemaal geen oog meer dicht toen ook nog eens hun veestapel werd bedreigd. De Provincie overwoog de wolf te verdoven en te vangen. Dat was vast niet wat de Groningers wilden.

Groningen-Den Haag is een afstand van een krappe 250 kilometer te voet. Moet voor onze wolf binnen een week goed te doen zijn. De heren politici een beetje schrik aanjagen vlak voor de verkiezingen kan geen kwaad. Minister Henk Kamp mag dan onlangs excuses hebben aangeboden en beterschap beloven; als inwoner van de Randstad lijkt me niet dat mijn nuchtere noorderburen daar een paar weken voor de beslissende 18 maart zijn ingetrapt. De Groningers hebben intussen heus wel door wie de wolven in schaapskleren zijn. Zij weten na meer dan een halve eeuw gas uit de bodem halen waar het in het westen uiteindelijk allemaal echt om draait: de schatkist. Ik schat na alle media-aandacht in dat de gedupeerde provincie niet bang is voor de grote boze wolf. De Groningers zijn mans genoeg om woensdag op eigen kracht met Den Haag af te rekenen.

Gelukkig zijn er in het westen van het land meer plaatsen het zoeken waard. Laat de wolf vanaf Den Haag meteen afzakken naar het zuiden. Binnen een dag ligt Rotterdam-Zuid binnen handbereik. Vanaf het groene grasveld van de Kuip lonken de supporters. Ik ben beslist geen voetbalsupporter, maar wel opgegroeid als pro-Feyenoord. Mijn vader was er in 1970 in Milaan getuige van toen Feyenoord als eerste Nederlandse voetbalclub de Europacup I won. Mijn moeder ging even later met de cup op de foto. Met de huidige opstelling van enkele supporters zou je deze familiehistorie liever voor altijd verbloemen. Het is natuurlijk uitermate beschamend hoe zij zich in Rome hebben gedragen. Wat mij betreft mogen de gele ogen, de grote oren en grote tanden een ereronde maken vanaf de middenstip. Uitgerekend in naam van de stad waarvan de stichter Romulus is opgevoed door een wolvin.

Na de twintigste eeuw volledig te hebben overgeslagen, is er aan het begin van het nieuwe millennium in dit drukbevolkte land voor de wolf meer dan genoeg te doen. Maar ik vrees dat het voor onze kilometervreter niet zo ver had gekomen. Het zou het bekende liedje zijn: toen kwam opeens een jager-jager-man...

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Drie drietallen

door: Janet van Klink /9 februari 2015

De afgelopen weken verschenen in de media drie drietallen die slechts weinigen van ons kunnen zijn ontgaan. Een korte opsomming van deze totaal uiteenlopende mensenwezens.

Wie hoopte dat 2015 een fantastisch jaar zou worden, kon het weer snel op z'n buik schrijven. De gebroeders Kouachi en Amedy Coulibaly maakten daar kortstondig een einde aan. Zelden zulke spectaculaire live beelden gezien als die van de gijzelingen in de drukkerij en de koosjere supermarkt. Eén ding was met hun laatste acties duidelijk: deze terroristen waren niet alleen uit op het belemmeren van de persvrijheid. Ik had me in de twee dagen voor de ontknoping namelijk enigszins geërgerd aan het gedrag van de media, die massaal in de rouw gingen. Het kwam op mij over als de NAVO gedachte: een aanval op één van ons is een aanval op ons allen. Bijna twee weken geleden hadden we onze eigen Tarik. Vergeleken met die harde kerels was hij een zielige, verwarde verschijning. Maar de overdreven media-aandacht voor de drie in Parijs raakt de zwakkeren in de samenleving en inspireert de gevaarlijke. Soms kun je beter even zwijgen.

Wie dacht dat het zoveelste seizoen van Boer Zoekt Vrouw saai zou zijn, had het ook mis. De knappe Tom (die als ik het goed bekijk dat over tien jaar een bezadigde veertiger is) blijkt dan wel oersaai. Multimiljonair en slechte huisvrouw Bertie (je zorgt toch dat je eten in huis hebt als er gasten komen) ook. Gelukkig zijn 'Geile Geert' en zijn drie vrouwen gestrikt. Hij kondigde voor de logeerweek aan het er van te gaan nemen. En Geert stelt zijn kijkers niet teleur. Hup! Gewoon vol op de mond in het bijzijn van de andere twee logees. En nog een keer, maar dan met een ander. Geert wil proeven voordat hij verder eet. Met de ingelijste foto van zijn overleden vrouw op de kast. Ik geloof - nee, ik weet zeker - dat hij na die eerste kus achter mijn rug van mij het veld had mogen ruimen. Hopelijk geeft het andere mannen na het zien van deze beelden geen vrijbrief. Weg van de buis met boer Geert.

Televisiekijkend Nederland mag blij zijn met een ander 'nieuw' drietal: de Van Rossems. Ik vind beroepschagrijn Maarten bij De Slimste Mens een verademing om naar te kijken. Zo totaal anders dan dat gemaakte gedoe van RTL spelprogramma's als Ik Hou Van Holland en De Jongens Tegen De Meisjes. Heerlijk, zo'n ongezouten mening. Alles lekker afzeiken in plaats van dat verplicht leuk moeten doen. Sinds vrijdag weten we dat zijn broer en zus precies hetzelfde zijn. Op elkaar mopperen. Met een verveeld hoofd een ijsje eten. Op een bankje een sigaretje roken als de anderen iets bezichtigen. Stiekem erg herkenbaar gedrag. En het leuke is: het programma is ook nog eens heel leerzaam. Hier spreken mensen met verstand. Nog leuker: de reisjes zijn voor iedereen betaalbaar. Zij zijn geen Floortje Dessing die bijna als vanzelfsprekend op kosten van de belastingbetaler de wereld over reist en waar haar kijkers maanden of jaren voor moeten sparen.

Het moge duidelijk zijn. Van mij verdienen alleen de Van Rossems een blijvend podium. Parijs is een paar dagen schokkend en BZV een paar weken even walgelijk, maar dit zijn drie voorbeeldmensen. Was iedereen maar zo open en eerlijk naar elkaar toe en bovenal zo authentiek als deze drie.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Droombaan

door: Janet van Klink /27 december 2014

Het is weer de tijd van de jaaroverzichten en de verkiezingen '... van het jaar'. Als ik één provincie tot provincie van het jaar 2014 moest uitroepen wist ik het wel: Limburg.

Het beste televisieprogramma van het afgelopen jaar is in de meest zuidelijke provinciehoofdstad van ons land opgenomen. De burgemeester himself van die andere Maasstad brak tijdens het Televiziergala nog een lans voor Flikken Maastricht. Maar oplettende televisiekijkers weten inmiddels dat Limburg meer dan alleen stoere agenten te bieden heeft. 'Zuid-Limburg, je zal er maar werken'. Primetime krijgt televisiekijkend Nederland bijna ieder dag deze reclamespot voorgeschoteld. Als je de beelden van Euregionale verbindingen, hoogwaardig onderzoek en de goede onderwijsmogelijkheden ziet zou je er zo naartoe willen verhuizen. Een onontdekt stukje paradijs in eigen land. Je zal er maar werken! Diezelfde burgemeester van Maastricht weet er intussen alles van. Onno vertrekt met de staart tussen zijn benen uit dat prachtige zuiden. Want hij was 'een beetje dom'. En niet één keer.

Eind vorig jaar al hing het lot van de burgemeester aan een zijden draadje. De storm leek na het zoenincident - ondanks zijn scheiding van Albert Verlinde - geluwd. Ook Onno dacht dat de kust veilig was. Een 20-jarige jongeman bracht hem met PowNews ineens toch de genadeslag. Onno was stout. Hij heeft in een openbare gelegenheid seksuele opmerkingen gemaakt. So what? Wat viel er anders te verwachten? Een vos verliest zijn haren. Niet zijn streken. Hij zei het zelf al: ik zou anders Onno niet meer zijn. Ik vind het vele malen erger dat hij zich tegenover die jongen laatdunkend uitlaat over de gemeenteraad. Een volksvertegenwoordiging die hem nota bene heeft benoemd en als klap op de vuurpijl een tweede kans heeft gegeven. En dan nog de vertrouwelijke agenda die op straat ligt... Er was geen redden meer aan. Genoeg stof voor een serie over wat Youp van 't Hek een paar jaar geleden al gekscherend 'Flikkers Maastricht' noemde. Producent: Albert Verlinde.

Maar Limburg bood ons in 2014 veel meer! KLM-topman Camiel Eurlings - alleen zijn accent verraadt zijn afkomst al - was ruim een maand voor de ondeugende burgemeester voorpaginanieuws. Hij vertrok na vijftien maanden bij de luchtvaartmaatschappij. Een half jaar voordat zijn contract eindigde. De beschuldigingen aan het adres van de oud-minister van Verkeer en Waterstaat liegen er niet om: 'onzichtbaar' zijn, afspraken niet nakomen en de Nederlandse belangen slecht dienen binnen de Air France-KLM Groep. Gelukkig hoef ik niet over hem in te zitten. Niet veel later zag ik hem in het sportjournaal als lid van het Internationaal Olympisch Comité in Monaco. Ach, Camiel uit het pittoreske Valkenburg. Ooit begonnen als jongste Kamerlid. Nu niet weg te denken uit het old boys network. Verdorie, nu heb ik niet eens meer ruimte voor die andere Limburgse coryfee: Jos van Rey.

Als kind ging ik met mijn ouders op vakantie naar het Limburgse heuvellandschap. Vorig jaar bezocht ik de kerstmarkt in Valkenburg. De mooie provincie heeft ook mij overduidelijk veel meer te bieden dan rust. 'Zuid-Limburg, je zal er maar werken'. Tijd voor een correspondentschap in 2015? Van onze correspondent in Maastricht...

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Schicksalstag

door: Janet van Klink /14 november 2014

Oh, wat had ik daar graag bij willen zijn! Heerlijk had het me geleken om op 9 november 1989 die gehate muren in stukken te hakken. Helaas was ik op dat moment thuis bij mijn ouders.

En ongetwijfeld lag ik al lang in bed. Wegdromend. Totaal onbewust van die historische avond, 750 kilometer verderop. Een kind van vier heeft natuurlijk niet het flauwste benul van een wereldgebeurtenis als de val van de Berlijnse muur. Een kwart eeuw later des te meer. Ik heb genoten van de vele documentaires en reportages. Hoogtepunt was de documentaire over de val van het IJzeren Gordijn vanuit het perspectief van de Hongaarse premier. De volksopstand in 1956 werd meedogenloos de grond ingeslagen. Meer dan dertig jaar later slaagde het land in midden Europa daar op tactvolle wijze wel in. Er was voor de andere communistische leiders vervolgens geen houden meer aan. Ik verheug me daarom nu al op de Koude Oorlog kerstspecial. De executie van die vreselijke, gillende Ceaușescu's op Eerste Kerstdag 1989 is beslist ook een herhaling waard.

Ik vind het alleen jammer dat vorige week alleen de val van de muur op aandacht kon rekenen. Op die die datum is er toch iets meer dan dat in Duitsland gebeurd: het aftreden van de Duitse keizer in 1918, de Hitlerputsch in München in 1923 en de Kristallnacht in 1938. Een voor een gebeurtenissen die bepalend zijn geweest in de geschiedenis. Onze oosterburen hebben er niet voor niets een woord voor: Schicksalstag. De dag van het lot. In het herdenkingsjaar 2014 - honderd jaar na het begin van de Eerste Wereldoorlog en 75 jaar na het begin van de Tweede - was het mooi geweest om bij het begin te beginnen. Aan de andere kant lijkt het me als ik Duitse zou zijn niet fijn om op die feestelijke dag tegelijkertijd aan iets minder plezierigs herinnerd te worden. Niet voor niets is 9 november geen nationale feestdag geworden. Het nazi-verleden lag in de weg.

Nederland ontsprong de eerste veertig jaar van de 20e de dans. Maar in 1939 gebeurde er iets. Engeland en Frankrijk hadden Duitsland na de inval van Polen de oorlog verklaard. Twee Britse geheim agenten dachten in het neutrale Nederland contact te hebben met de Duitse oppositie. Enkele gesprekken volgden. Luitenant Klop hield van Nederlandse zijde 'een oogje in het zeil'. Het was een val, die uitmondde in een schietpartij pal aan de grens in Venlo. Klop overleed diezelfde avond. Hitler misbruikte hem precies een half jaar later om Nederland binnen te vallen: de neutraliteit was geschonden. Natuurlijk zou de oorlog zonder 9 november 1939 ook hier uitgebroken zijn, maar de dag zou je kunnen zien als het begin van een duistere periode in de vaderlandse geschiedenis. Ik heb om die reden in aanloop naar 75 jaar Venlo-indient een artikel aan de onfortuinlijke Klop gewijd.

De val van de muur bracht ook het oosten van Europa na een bloedige en roerige eeuw eindelijk democratie. Toen ik geboren ben bestond de Sovjet-Unie nog. De hervormer Michael Gorbatsjov trad twee weken voor ik ter wereld kwam aan. Ik kan me ook daarvan niets meer herinneren. Eén ding kan ik zeggen als ik ooit honderd mag worden: ik was er op die historische 9 november 1989 al.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

19e-eeuwse Grace

door: Janet van Klink /27 september 2014

Een poedel broche? Ik zou die niet eens thuis in een sieradendoos opgeborgen willen hebben. Misschien ben ik juist daarom ik nooit een stijlicoon geworden.

De broche is namelijk één van de objecten van de Grace Kelly tentoonstelling in museum Paleis Het Loo. Grace was hét stijlicoon van de tweede helft van de twintigste eeuw. Vorig weekend bezocht ik Apeldoorn. De aankondiging klonk veelbelovend. 'Kleding, accessoires, filmbeelden en foto's brengen het verhaal van de prinses van één van de oudste Europese vorstenhuizen opnieuw tot leven.' Ik moet eerlijk zeggen: het was boven verwachting. Vooral de tientallen authentieke kledingstukken uit de bekende films, verlovingstijd, huwelijk en haar jaren aan de zijde van prins Rainier maakten indruk. De legendarische Grace kwam tot leven! Aan het eind van de tentoonstelling een foto van onze Máxima. Ook zij laat zich - ruim dertig jaar na Grace's dood - nog door haar inspireren. En daar zit precies het verschil tussen deze twee vrouwen. Máxima volgt de mode. Grace bepaalt de mode.

Het tragische einde van de mooie prinses van Monaco komt slechts terloops aan bod. De oplettende bezoeker vindt subtiele aanwijzingen. In de eerste ruimte draait een fragment uit de film 'To Cath a Thief', met Grace aan het stuur. Dezelfde weg waarop ze in 1982 verongelukte. Even verderop ligt in een vitrine een brief aan 'Dear Grace'. Afzender: prinses Diana. De tentoonstelling was niet mijn eerste kennismaking met het 'verborgen leed' van de adel. Afgelopen zomer bezocht ik weer het Paleis op de Dam. Eén van mijn favoriete musea. De kamers zijn ingericht in de tijd van de achtereenvolgende bewoners. Maar voor mij is het paleis alleen al voor het overweldigende marmer een bezoek waard. Laat dat nou precies datgene zijn wat de eerste bewoonster deprimeerde.

Arme Hortense! Je zal maar tegen je zin moeten trouwen en naar een onbekend land worden gestuurd. De eerste koningin van Holland betrok in 1810 het Paleis op de Dam. Zij schrok van de sculpturen boven de deuren van haar vertrek. Wolven, huilende kinderen en doodshoofden. Het beeldhouwwerk herinnerde haar aan haar overleden zoontje. Luttele weken hield ze het vol. Grace en Hortense hebben aardig veel van elkaar weg. Ook Hortense bepaalde het modebeeld. Beide vorstinnen waren bovenal bijzonder artistiek onderlegd en op een hoog niveau actief. Grace natuurlijk voor haar huwelijk als actrice. Koningin Hortense als componiste. Beroemde kunstenaars bezochten de koningin later in ballingschap. Hortense zelf componeerde, tekende, schilderde en schreef haar memoires. Helaas is de herinnering aan de eerste koningin in Nederland bijna net zo koud en kil als het paleis dat zij betrok.

Voor een kennismaking met deze bijzondere vrouw moet je nu naar Malmaison. In de voormalige residentie van haar moeder, keizerin Josénphine, is een museum aan de Bonapartes gewijd. Moeder en dochter rusten in eenvoudige graftombes in de kerk. Volgend jaar is het tweehonderd jaar geleden dat Napoleon definitief werd verslagen. Tijd voor de expositie 'Hortense: koningin, componiste en muze'?

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

1914-2014

door: Janet van Klink /5 september 2014

Het waren de opeenvolgende gebeurtenissen in de zomer van 1914 die de wereld in brand zetten. Maar de zomer van 2014 belooft de wereldbevolking voorlopig ook niet veel goeds.

Dit jaar geen verre reis voor mij. Ik moest de afgelopen maanden echter veel terugdenken aan een eerdere. Precies tien jaar geleden maakte ik voor mijn studie een reis naar herinneringsplaatsen van de Eerste Wereldoorlog in Vlaanderen en Noord-Frankrijk. We gingen onder begeleiding van een professor vier dagen lang van museum naar begraafplaats en van begraafplaats naar museum. Een eerste kennismaking met een oorlog die tot dan toe voor mij als Hollandse altijd op afstand stond. Het menselijk geheugen is helaas zwak. Ik kon tot voor kort niet alle plaatsen opdreunen die we toen aandeden. Wel herinner ik me als de dag van vandaag de emoties die al dat oorlogsleed zich in mij losmaakte. Ik viel op de derde dag in het zoveelste museum dat we bezochten bijna flauw van alle indrukken. De ochtend na thuiskomst zat ik opgelucht in mijn stoel: yes, vandaag geen ereveld!

Tien jaar na die bewuste reis is het honderd jaar geleden dat de Groote Oorlog uitbrak. De Nederlandse en Vlaamse omroepen zenden de vele herdenkingen en documentaires uit. Op de bank voor de televisie maak ik de indrukwekkende reis opnieuw. Ik zie de IJzertoren in Diksmuide, het In Flanders Field Museum in Ieper, de Duitse begraafplaats Vladslo, de Canadese herdenkingsplaats Beaumont-Hamel (Newfoundland) Memorial en het fort Douaumont bij Verdun. Ik heb het allemaal met eigen ogen gezien. Het had met alleen deze beelden een mooie zomer kunnen worden. Je had al die ellende uit een voorbij tijdperk in een veilig Nederland eens rustig tot je kunnen laten doordringen. Tegelijkertijd even je academische kennis opfrissen. En natuurlijk tegen elkaar zeggen: dit nooit meer. Helaas is niets minder waar. De zomer van 2014 is langzaamaan net zo schuldig aan het worden als die van 1914.

In de straten in de Oekraïne zijn militairen tijdens een 'showparade' belaagd door de bevolking. Het tentoonstellen van krijgsgevangenen door de separatisten gaat geheel in tegen de Geneefse Conventies. Maar in hoeverre is dat nog verbazingwekkend? De beelden van alle gruwelijkheden op onze aardbol dringen ongevraagd onze woonkamers binnen. De televisie zendt nu werkelijk alles uit wat in deze tijd en met de zoveel kennis, (internationale) wetten en wetenschap niet zou moeten gebeuren. Het geheimzinnige neerstorten van de MH17. Het machtsspelletje van Poetin. De wandaden van IS. De aanvallen van Israël op de Gazastrook. De oorlog in Syrië. En nog veel meer... De wereld blijkt uiteindelijk een stuk labieler te zijn dan veel wereldbewoners het afgelopen decennium hebben gedacht. Ik vraag me af: hoeveel veel verder zijn we eigenlijk na honderd jaar?

Gelukkig zond de NRCV wekenlang herhalingen uit van Downton Abbey. Het Britse kostuumdrama speelt zich af voor, tijdens en na de Eerste Wereldoorlog. Het landgoed en de bewoners blijft weinig bespaard. Tussendoor spieden, roddelen en pesten ze er downstairs lekker op los. Upstairs gaat het financieel zelfs weer voor de wind en, last but not least, vinden de familieleden hun ware liefde. Every story has a happy ending.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Lijkenpikkers

door: Janet van Klink / 25 juli 2014

Van de welbekende komkommertijd is dit jaar geenszins sprake. Eén 'hot item' domineert in de zomermaanden het nieuws: de vliegtuigramp met de MH17 in de Oekraïne.

Wij hoorden als liefhebbers van de Tour de France al vroeg in de avond over de crash. Terwijl de etappe tijdens die tropische zomerdag nog bezig was verscheen de korte en zakelijke mededeling 'Extra Journaal'. Maar de nieuwslezer kon niets met zekerheid melden. Even zappen naar de Engelse zender Sky News. Toen ik de beelden van een grote vlakte met op de achtergrond enorme rookpluimen zag, wist ik genoeg. Sindsdien is er - eigenlijk vanzelfsprekend - geen ontkomen meer aan. De ramp is de opening van ieder (uitgebreid) Journaal. In het NRC Handelsblad vind ik iedere avond de analyses van de (inter)nationale ontwikkelingen. Het Algemeen Dagblad wekt me iedere morgen met persoonlijke levensverhalen van de slachtoffers. Ook in mijn directe omgeving is de ramp het gesprek van de dag. Mensen zijn woedend op president Poetin. Zij winden zich vooral op over de respectloze rebellen. Die lijkenpikkers!

Al die droevige verhalen worden me even te veel. De aankomst van de veertig rouwauto's bij het vliegveld in Eindhoven was de druppel. Zo nu en dan doen me de beelden van de rebellen tussen de wrakstukken aan iets anders denken. De grafschending van scheepswrakken in de Zuid-Chinese Zee. Op 15 december 2013 verschenen plotseling allerlei, overigens voor de 'gewone' krantenlezer vrij onopvallende, berichten in de media over de mogelijke schending van de onderzeeboot waarin sinds 1941 mijn oudoom rust, de Hr. Ms. O16. Een redelijke schok. Voor ons nabestaanden is dit een graf. Voor anderen (in dit geval Cambodjanen) is het vernielen van wrakken een lucratieve business. De verkoop van ijzer, staal en koper levert veel op. Eerst kon echter niets met zekerheid worden gezegd. Maar inmiddels weten we via onze eigen kanalen meer. De onderzeeboot ligt inderdaad uit elkaar. Een triest einde voor een ooit zo formidabel en succesvol schip. We wachten nog op bericht van officiële zijde.

Soms vraag ik me af waar ik me zo druk om maak. De twee situaties zijn bijna onvergelijkbaar. Tussen de ondergang van de onderzeeboot en de ramp met het vliegtuig zit een periode van meer dan 72 jaar. Het verdriet van de nabestaanden van de MH17 is niet te overzien. Hele gezinnen zaten aan boord. Ik heb nooit verdriet gehad om één verre verwant, die er al ruim 43 jaar niet meer was op het moment dat ik ter wereld kwam. Ook de internationale verhoudingen zijn geheel anders. In 1941 waren Nederlands-Indië en Japan net met elkaar in oorlog. Nu is de Nederlandse staat betrokken bij een burgeroorlog waar het in feite buiten staat. De bemanningsleden van de onderzeeboot waren bovendien militairen. In het vliegtuig zaten burgers die om persoonlijke of zakelijke redenen op weg waren naar een ander werelddeel. Toch valt er een vergelijking te maken.

Je bent en blijft nabestaande. Of het nu zeven dagen of zeventig jaar na een ramp is. Het stelen van de bezittingen en zelfs het vernielen van de graven van onze dierbaren is onacceptabel. Wij zullen er alles aan doen om hun nagedachtenis te beschermen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Gekozen wethouder

door: Janet van Klink / 21 juni 2014

In Westvoorne duiken allerlei nieuwe namen op. Mensen waarvan ik nog nooit heb gehoord blijken ineens de beste keuze voor een felbegeerde zetel aan de collegetafel zijn.

Een collega belde me half april 's avonds laat op. 'De namen van de drie wethouderskandidaten van Westvoorne zijn bekend! Weet jij wie die twee zijn?' De naam van de eerste persoon zei me niets. Terwijl ik ben opgegroeid in Rockanje en hij er al jaren blijkt te wonen. Een foto hielp me niet verder. Ook de nieuwe coalitiepartner schoof een nieuwe naam naar voren. Verrassend. De lijsttrekker van deze lokale partij is overduidelijk hun boegbeeld. Ik en waarschijnlijk vele anderen hadden een andere keuze verwacht. Uiteindelijk was alleen de kandidaat van de kleinste coalitiepartij een oude bekende. Hij was sinds anderhalf jaar wethouder. Dat haalde je er tijdens de eerste vergaderingen uit. Ik kreeg de indruk dat nieuwe collega's zich voorheen niet of nauwelijks in de gemeente hebben verdiept. Enfin, we beginnen net. Beide nieuwkomers krijgen vier jaar lang de tijd om zich te bewijzen.

Bij de buren lijkt alles keurig volgens het boekje te gaan. Twee oudgedienden zitten weer in het Brielse pluche. De derde wethouder is jarenlang raadslid geweest. Hem komt een stoel aan de B&W tafel op basis van loyaliteit bijna automatisch toe. Hoe kan het politieke spel duidelijker zijn? Pas op! Achter de schermen is veel meer aan de hand. De grootste partij bestuurt namelijk niet mee. Alle anderen willen niet samenwerken met de winnaar van de gemeenteraadsverkiezingen. Officieel vanwege inhoudelijke verschillen en botsende culturen. Tijdens informele gesprekken voor en na afloop van vergaderingen hoor je dat het ook een persoonlijke afrekening kan zijn geweest. De, voor de kiezers nog onbekende, wethouderskandidaat zou niet in de smaak zijn gevallen. Dat laatste kan inderdaad zo zijn, ontdekte ik toen ik weken latere uitspraken opving over de bewuste persoon. Maar welk recht heeft een tegenpartij om zich met een naam te bemoeien?

De twee buurgemeenten hebben voor de benoeming van hun wethouders een andere koers gevaren. Eén ding hebben ze echter gemeen: uit de voorbeelden blijkt dat de coalitievorming verre van transparant is. In de achterkamertjes van de gemeentehuizen wordt veel beslist. Westvoorne kiest twee onbekenden. Hoewel dat wettelijk gezien hun goed recht is, komt dat niet bepaald open over. Bijna niemand kent nu nog de mensen die het voor de komende jaren voor het zeggen hebben. Had je ook op die partij gestemd als je vooraf had geweten wie het beleid zou moeten gaan uitvoeren? In Brielle spelen de partijen het spel weer deels op de persoon. Ik vind dit niet democratisch. We hebben het hier wel over een kandidaat die ook hoog op de kieslijst stond. Iemand van een partij die zelfs de meeste stemmen kreeg. De stem van het volk wordt even terzijde geschoven.

Voor zowel de kiezers als de wethouderskandidaten is het beter als de namen voor de verkiezingen bekend zijn. Dit versterkt de lokale democratie en beschermt de persoon in kwestie. Ik zou het als kandidaat wel weten: liever door de kiezer keihard in het stemhokje worden afgestraft dan als winnaar van de verkiezingen alsnog via de achterdeur van het gemeentehuis van het toneel te verdwijnen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Spook in bunker

door: Janet van Klink / 22 mei 2014

Als je bijna tien jaar werkzaam bent in de journalistiek heb je ontelbare artikelen over mensen op je naam staan. Uit het niets kwam er plotseling een geest op mijn pad.

De datum zaterdag 17 mei met de bijbehorende tekst 'Spook Biber' stond wekenlang in mijn agenda genoteerd. Het was de voorzitter van de Stichting Biberbunker die me op een avond begin april belde met de vraag: 'Heb je interesse in een verhaal?' Ik: 'Natuurlijk, altijd!' Hij: 'We krijgen bezoek van de 'ghostbusters'.' Ik: '1 april is toch net geweest?!' Wat bleek. De bunker in de duinen van Oostvoorne zou een hele dag dicht gaan voor paranormale onderzoekers. Zij gingen met de modernste apparatuur na of er geesten ronddwalen in de voormalige radarpost van de Duitste bezetter. De Luftwaffe spoorde in de Tweede Wereldoorlog vanuit dat betonnen bouwwerk met drie meter dikke muren geallieerde vliegtuigen op. De stille moordenaar heeft zo'n 12.000 slachtoffers op zijn geweten. Wat een onderwerp! Wie zou daar na zeventig jaar later ronddwalen? De redactie van het AD/Rotterdams Dagblad reageerde gelukkig net zo enthousiast als ik.

Al die weken hield ik mijn mond. Niet om de geesten schrik aan te jagen. Andere journalisten moet ik bij zo'n buitenkansje buiten de deur houden. Intussen ga je je ook het nodige afvragen: 'stel ze vinden echt iets. Wie zou dat dan zijn? Een gefrustreerde nazi of een neergeschoten Britse piloot?' In de week voorafgaand aan het onderzoek bracht ik het onderwerp toch bij een dorpsgenoot ter sprake. Het verwachte gelach bleef uit. Zij - de nuchterheid zelve - keek niet gek op van een dergelijk onderzoek. Haar nichtje had twee keer een rondleiding door de bunker gekregen. Twee keer en nooit meer. De negatieve sfeer in het gebouw had een verstikkende uitwerking op haar. Ook de stoere bunkerboys bleken naderhand niet zo nuchter te zijn. Zij voelden zich in het begin helemaal niet zo lekker in hun hermetisch van de buitenwereld afgesloten bunker. In de Biber is het op z'n Duits gezegd: 'unheimisch'.

Het wachten was op de onderzoeksresultaten. Op de 17e mei verschenen acht volledig uitgeruste paranormaal onderzoekers. Zij pakten na een rondleiding hun koffers met tientallen (infrarood)camera's, fototoestellen en geluidsrecorders uit en gingen met die moderne apparatuur urenlang aan de slag. Geen geest kon aan hun aandacht ontsnappen. Best interessant, maar journalistiek gezien was ik ietwat teleurgesteld. De resultaten zouden pas weken later bekend zijn. Ik stond op het punt om naar huis te gaan toen het gebeurde. Een medium, op zijn beurt weer gast van de onderzoekers, kwam naar me toe: hij had een geest gezien. De bekende Oostvoornse verzetsman Leendert van der Meer was aan hem verschenen. Het medium wist bovendien precies te vertellen hoe hij was overleden: de man stond op een duin en viel om. De voorzitter van de Biberbunker bevestigde het verhaal. Hij was inderdaad geëxecuteerd. En wat maar weinig mensen weten: vlak achter de bunker. Mijn verhaal zat in de pocket. En toch voel je je dan een beetje raar.

Thuis wachtte men gespannen op mijn komst. 'En, nog een geest gezien?' Mijn antwoord maakte bij mijn moeder een andere reactie los. 'Oh, wat erg. Wat zou zijn familie niet zeggen. Je zou dit maar in de krant lezen!' Ik geloof ook niet dat ik zelf ooit nog onbevangen door het bewuste stuk duin kan gaan. Maandagochtend verscheen mijn bizarre verhaal over de paranormale activiteiten in het AD. Of iemand het gelooft of niet - dat laat ik aan de lezer over.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Anne in bushokje

door: Janet van Klink / 16 april 2014

Al weken erger ik me enorm aan iets. In ieder bushokje aan de doorgaande weg van Rockanje naar Oostvoorne hangt een levensgrote poster van Anne Frank.

Smakeloos, een afbeelding van een Holocaustslachtoffer in een bushokje. Zij was geen filmster. De poster met de prachtige foto van een in de duisternis turende Anne kondigt het toneelstuk 'Anne' aan. Deze uitvoering van één van de best verkochte boeken aller tijden is natuurlijk niet de eerste. Maar dit wordt anders dan al die voorgaande voorstellingen. Het spektakel gaat op 8 mei in een nieuw theater aan het IJ in Amsterdam in première. Het schrijversechtpaar Leon de Winter en Jessica Durlacher schreef het script. Kosten noch moeite zijn gespaard om het stuk tot een daverend succes te brengen. Het theater moet zichzelf kunnen bedruipen. Aantrekkelijke arrangementen met diners, drankjes en borrelhapjes moeten zoveel mogelijk bezoekers trekken. En dat laatste is nu precies wat mij en anderen dwarszit.

Het NRC Handelsblad publiceerde gisteren een uitstekend artikel over de ethische discussie. De Anne Frank Stichting blijkt geschokt over de commerciële manier waarop het publiek naar de voorstelling wordt gelokt. Het wordt gepresenteerd als 'een gezellig avondje uit' en dat past niet bij de geschiedenis van Anne Frank. Daarentegen staat het Anne Frank Fonds in Basel achter de aanpak van de producent. De organisatie vertegenwoordigt de familie Frank en het is hun wens om het verhaal door te geven. Annes verwanten zijn de eerste personen die het recht hebben om over deze kwestie te oordelen. Is hun oordeel ook juist? Niet per definitie. Ik vraag me als nabestaande van een oorlogsslachtoffer regelmatig af wanneer ik iets over hem schrijf, bijwoon of organiseer: Had hij dit wel zo gewild?

Die vraag over de nagedachtenis van slachtoffers is bijna zeventig jaar na de bevrijding ook voor nabestaanden niet meer te beantwoorden. Het blijft uiteindelijk een persoonlijke afweging. Veel gemakkelijker is het om te oordelen over de Nederlands langstlopende musical 'Soldaat van Oranje'. Uit eigen ervaring kan ik zeggen: een groot spektakel en met een zeker respect voor de geschiedenis. Ook bij deze voorstelling over de Tweede Wereldoorlog zijn arrangementen bij te boeken. Hoe zou de hoofdpersoon dit hebben gevonden? Engelandvaarder Erik Hazelhoff Roelfzema overleefde de oorlog, zette zijn belevenissen op papier en werkte mee aan de verfilming van zijn boek. Hij genoot zichtbaar van alle aandacht. Het verschil tussen Anne en Erik is dat tussen slachtoffer en overlevende. Erik kon kiezen hoe hij zou willen voortleven. Annes nagedachtenis wordt voor haar bepaald.

Anne wilde, zoals klip en klaar in haar dagboek staat, ooit een beroemde schrijfster worden. Zij had nooit kunnen vermoeden hoe die wens postuum zou uitkomen. Of die getalenteerde Anne ook achter de commerciële aanpak van dit toneelstuk had gestaan? Ik denk van niet. Om haar voormalig medekampbewoonster Ted Musaph uit het NRC te citeren: 'In Bergen-Belsen was überhaupt niks te vreten.'

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Vrijuit spreken

door: Janet van Klink / 31 maart 2014

De kersverse gemeenteraad van Westvoorne nam onder luid applaus een motie aan. Maar de aankondiging van een gedragscode voor raadsleden was voor mij een dieptepunt in negen jaar verslaggeving.

De gemeente Westvoorne is een klein paradijs in de Randstad. Direct naast die foeilelijke en vervuilende industrie ligt daar een internationaal beschermd natuurgebied. Menig Randstadbewoner komt er naartoe voor de rust. Schijn bedriegt. Hoe mooi de natuur is, hoe meedogenloos de lokale politiek. Westvoorne is zelfs op provinciaal niveau berucht. Voormalig Commissaris van de Koning(in) Jan Franssen vertrouwde mij toe dat hij nergens zoveel brieven van bezorgde inwoners vandaan kreeg. Er heerst een diepe onvrede onder de bijna 14.000 inwoners richting het gemeentebestuur. De politici kunnen er zelf ook wat van. In de afgelopen raadsperiode ruzieden ze er voortdurend op los. Persoonlijke verwijten werden heen en weer geslingerd. Onderzoekers bleef de politieke impasse niet onopgemerkt. Het regionaal bestuurskrachtonderzoek toonde onlangs aan wat iedereen in Westvoorne en omstreken eigenlijk al weet: het gaat intern niet lekker. Samenvoeging met buurgemeenten Brielle en Hellevoetsluis ligt op de loer. Oeps!

Geen enkele lokale politicus staat te springen om een van bovenaf opgelgde herindeling. Een nieuwe ronde, nieuwe kansen. Na de gemeenteraadsverkiezingen moet alles anders. Tijdens de eerste raadsvergadering besloten alle politici dat er gedragsregels moeten komen. Het debat mag alleen nog over de inhoud gaan en niet langer op de persoon worden gespeeld. Iedereen was blij. Tot aan de burgemeester toe. Mijn mond viel even open van verbazing. Hebben de mensen die mijn ouders en al die anderen vertegenwoordigen werkelijk regels nodig om te kunnen debatteren? Dat fatsoen moet je toch al bij je opvoeding zijn bijgebracht? Ik vraag me bovendien af wat voor strafmaatregelen op overtredingen staan. De doodstraf? Dat laatste klinkt misschien zwaar overdreven, maar gaat net zo goed tegen het recht in als iets anders. De raadsleden moeten namelijk op hun hoede zijn als ze over de gedragscode stemmen. Voor ze het weten nemen ze een besluit dat in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Artikel 10 van het verdrag waarborgt namelijk de vrijheid van meningsuiting. Een fundamenteel recht van iedereen. Politicus of niet. Sterker, juist als politicus moet je te allen tijde kunnen zeggen wat je vindt. Als volksvertegenwoordiger dien je het bestuur kritisch onder de loep te nemen en vrijuit misstanden aan de kaak te stellen. Dat is van cruciaal belang voor het functioneren van een liberale democratie. Het is onvermijdelijk dat het debat soms over personen gaat. Want politici en bestuurders zijn nu eenmaal eveneens inwoner van een gemeente en hebben altijd belangen. Het is de taak van hun collega-raadsleden om dit - op een constructieve wijze - in de gaten te houden. Politici kiezen bewust voor een plaats in de schijnwerpers en moeten uiteindelijk meer dan een 'gewoon' burger tegen een stootje kunnen. Zelfs als uitlatingen schadelijk richting hun persoon kunnen zijn.

De motie verdiende dus alles behalve een luid applaus. Volksvertegenwoordigers zouden over de rechten van burgers moeten waken en zeker geen besluit nemen dat daarmee in strijd is. Ik maak me over de toon van de discussies in de gemeenteraad zonder regels geen zorgen. Volwassen mensen moeten dat zonder gedragscode heus wel op een nette manier kunnen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Lekker binnen blijven

door: Janet van Klink / 16 februari 2014

Over een maand zijn er weer gemeenteraadsverkiezingen. Van oudsher spelen lokale kranten een belangrijke rol daarin, maar politici maken hun boodschap steeds meer kenbaar via andere kanalen.

Deze gemeenteraadsverkiezingen zijn alweer de derde die ik beroepsmatig volg. Intussen leer je het vaste patroon kennen. Al ruim een jaar voor de dag des oordeels beginnen gemeenteraadsleden opeens opvallend aardig tegen je te doen. Vanaf september begint het aantal persberichten toe te nemen. Eerst stromen die langzaam over de kersverse lijsttrekkers binnen. Daarna volgen berichten over de namen, levenslopen en kwaliteiten van de overige kandidaat-raadsleden. Vanaf januari maakt het niet meer uit waarover de stukjes in de krant moeten komen. Als maar duidelijk is dat de politieke partij geïnteresseerd is in de problemen en wensen van de bevolking en hun belangen de komende vier jaar zal verdedigen. De laatste twee verkiezingen is er ook sprake van het omgekeerde: aangeven hoe slecht het zittend dagelijks bestuur en de andere partijen zijn.

Soms is het even niet leuk om je e-mail te checken. Ik kan me voorstellen dat ook de lezer zo nu en dan meer dan genoeg heeft van al die propaganda. Niet alleen in de krant ontkom je er niet aan. Ieder ambitieus politicus profileert zich ook via het World Wide Web. Vier jaar geleden was een klein aantal actief bezig met een blog. Nu ben je als lokaal volksvertegenwoordiger niemand als je niet via Twitter de inwoners ieder uur van de dag over van alles op de hoogte houdt. En dan moet je natuurlijk ook nog eens in conclaaf gaan met iemand van de tegenpartij. De kranten kunnen uiteraard niet achterblijven. Alle ingezonden berichten komen, vaak enkel met copy/paste, op de website. Om meer bezoekers te trekken bedenken ze allerlei extra's. Helemaal 'hot' zijn de eigen polls.

In eerste instantie zou je denken dat al die aandacht voor de lokale verkiezingen de lokale democratie bevordert. Maar ik vrees het ergste. Redacties nemen de - gekleurde - berichten vaak klakkeloos over. Dus, de partijen die het meeste insturen krijgt de meeste aandacht. De brutaalste staat vooraan. In die artikelen ontbreekt door de afwezigheid van de onafhankelijke journalist de andere kant van het verhaal. Bovendien is het als de naam van de auteur niet staat vermeld voor de onwetende lezers totaal onduidelijk dat zij met partijpropaganda te maken hebben. Kortom, moordend voor de lokale democratie. Dan heb ik het niets eens over de online polls. Natuurlijk zo onbetrouwbaar als de pest. Je kunt op een eenvoudige manier meerdere keren je stem uitbrengen. Met een groep stemmers die de bevolkingssamenstelling niet goed heeft vertegenwoordigd, krijg je daarbij een totaal vertekende uitslag.

Al met al geeft de berichtgeving over de verkiezingen een weinig rooskleurig beeld. De belangrijkste vraag is natuurlijk hoe de kiezer uiteindelijk op die overvloed aan informatie reageert. Partijaanhangers sterken zich door al die aandacht zeker alleen nog maar in hun keuze. Ik vrees het ergste voor de zwevende kiezer. Het zal me niet verbazen als die - met slecht of mooi weer - lekker binnen blijft.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Stormvloed 2013

door: Janet van Klink / 9 december 2013

De nieuwsprogramma's stonden donderdagavond 5 december uitgebreid stil bij het overlijden van Nelson Mandela. In Engeland reageerden kijkers woedend op alle aandacht die deze legende kreeg.

De oud-leider van de anti-apartheidsbeweging en oud-president van Zuid-Afrika was misschien wel de belangrijkste persoon op aarde. Hét symbool van de menselijkheid in deze tijd. Logisch dat zijn - hoewel niet onverwachte dood - 'breaking news' was. De kijkers van de BBC dachten hier echter anders over en reageerden massaal via online media. Waarom moest al het andere nieuws wijken voor een man die toch op leeftijd was? Engeland had juist die dag in eigen land ontzettend veel problemen. Het land had te maken met de zwaarste storm in de afgelopen decennia. Steden liepen onder. Duizenden mensen moesten hun huis verlaten of zaten zonder stroom. De schade is enorm. Het natuurgeweld kostte zelfs aan twee mensen het leven. Kijkers zaten op dat moment niet te wachten op berichten over een oude man in een ver land.

Ook in Nederland domineerde Mandela plotseling het nieuws. Ik hoorde het bericht in de late uitzending van 'Hart van Nederland'. Meteen kregen we een item over zijn leven te zien. Direct daarna gaven in 'Shownieuws' bekende Nederlanders die hem ooit hadden 'ontmoet' commentaar. Iedereen kwam aan bod - of ze hem nu van honderd meter afstand hadden gezien of zelfs een hand hadden mogen geven. Bij mij maakte de berichtgeving een andere reactie dan in Engeland los. Zijn dood kwam ook voor SBS6 niet onverwacht. In juni ging het al slecht met Mandela en toen nam de zender blijkbaar maatregelen. In het item van Hart van Nederland werd vermeld dat de 95-jarige oud-president 94 jaar was geworden. De BN'ers in Shownieuws vertelden over hem met op de achtergrond nog groene bladeren aan de bomen. Het was bijna lachwekkend.

Sinds de plotselinge moord op president Kennedy in november 1963 hebben de grote nieuwsprogramma's van ieder belangrijk persoon een necrologie op de plank liggen. Dat is verstandig. Zo hoeft er net als vijftig jaar geleden niet in alle haast te worden gezocht naar informatie over de overledene, maar is er altijd iets voorhanden. De kijkers hebben daar direct na een schokkende gebeurtenis zeker behoefte aan. Na een half uur weten we wel wat die persoon voor het land of voor de wereld heeft betekend. Je hoeft niet constant dezelfde beelden te zien. Zeker niet als die deels achterhaald zijn en de persoon de hele week in aanloop naar de uitvaart nog centraal staat. Al helemaal niet als zich in eigen land op hetzelfde moment verschrikkelijke gebeurtenissen voordoen. De kijkers die meer willen weten over de persoon in kwestie zoeken dan maar op internet.

Ik vind het onverstandig van de BBC om Mandela de avond van de storm het nieuws te laten domineren. De omroep heet niet voor niets 'British Broadcasting Corporation'. De berichtgeving moet in eerste instantie gericht zijn op de eigen bevolking. Het is dan ook begrijpelijk dat onder de kijkers een storm aan reacties is losgebarsten.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Nederland (ont)leest

door: Janet van Klink / 29 oktober 2013

Op 1 november start de landelijke campagne 'Nederland Leest'. Terwijl bibliotheekleden die maand massaal 'Erik of het klein insectenboek' van Godfried Bomans lezen, verdwijnen op het platteland de bibliotheken zelf.

Vorig jaar ontdekte ik het Walhalla voor lezers in Nederland. Een plek waar duizenden boeken over honderden meters staan uitgestald. Van unieke exemplaren van meer dan een eeuw oud uit de voormalige koloniën tot hedendaagse bestsellers van bekende auteurs. Alles staat keurig geordend op thema. Het allermooiste van deze grote leeszalen is: iedereen kan zo een boek uit de kast pakken en ongestoord een hele dag in één van de vele zithoekjes gaan lezen. Ook 's avonds en op zaterdag. Dan heb ik het nog niet eens over het materiaal dat in het magazijn is opgeslagen of online verkrijgbaar is. Kortom, de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag is een waar paradijs voor iedereen die van lezen houdt. Dat allemaal voor slechts 15 euro per jaar.

Hoe anders vergaat het de plekken waar mijn leeshonger ooit begon. De dorpsbibliotheken in Oostvoorne en Rockanje zijn natuurlijk niet bepaald te vergelijken met de Koninklijke. Toch is alles wat een gemiddeld lezer zoekt aanwezig. Romans, informatieve boeken, kinderboeken, kranten, tijdschriften, etc. Helaas zijn de boekenplanken zijn steeds minder vol. Bovendien denkt de bibliotheekdirectie dat alleen niet-werkenden nog tijd hebben om te lezen. De avondopeningstijden zijn vorig jaar geschrapt. Ook aan die doelgroep wordt zelfs al getwijfeld. Gemeente en bibliotheek zoeken nu gezamenlijk naar andere vestigingslocaties, omdat de huidige gebouwen te duur zijn. Hun voorkeur gaat uit naar een basisschool. Net als in buurgemeenten. De initiatiefnemers stellen dat met een locatie in de buurt van kinderen het mes aan twee kanten snijdt.

In de school komt de nadruk op jeugdliteratuur te liggen. Te weinig kinderen lezen. Tegelijkertijd neemt de volwassenencollectie in omvang af. Gemeente en bibliotheek stellen echter dat volwassenen straks voldoende aan hun trekken komen. Ze kunnen boeken uit andere vestigingen bestellen en het aantal digitale boeken neemt toe. Het klinkt dus allemaal veelbelovend. Maar, is het dat ook? Ik heb er mijn twijfels over als ik denk aan dat prachtgebouw in Den Haag. Volwassenen moeten net als kinderen ongedwongen kunnen rondsnuffelen. Het is belangrijk om boeken te zien staan en uit de kast te kunnen pakken. Dan kom je in aanraking met literatuur die je anders niet snel uit een catalogus zou kiezen. Alleen een ervaren lezer kan online een goed afgewogen keuze maken.

Een nieuwe vestiging heeft niets te maken met een verbeterd leesaanbod. Het lijkt een ouderwetse, ordinaire bezuinigingsslag. Een actie als 'Nederland Leest' om de bevolking in één maand massaal aan het lezen te krijgen is mooi. Nog mooier is het als we twaalf maanden lang - ook in de polder - van literatuur kunnen genieten.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Goede doelen boycot

door: Janet van Klink / 13 september 2013

In de eerste week van september deed mijn moeder iets ongebruikelijks: ze stuurde de KWF-collectant door. Na alle commotie rondom het sponsorevenement Alpe d'HuZes mocht er dit jaar geen cent naar het fonds.

Het KWF is misschien wel het meest gevoelige goede doel dat er bestaat. Wie heeft er niet een dierbare aan kanker verloren? Trouw deed mijn moeder een paar euro in de collectebus. Haar gift is peanuts in vergelijking met grote acties, waar miljoenen ter bestrijding van die vreselijke ziekte zijn binnengehaald. Zo bestaat sinds 2006 Alpe d'HuZes voor de financiering van kankeronderzoek. Wielrenners beklimmen op vrijwillige basis de legendarische Alpe d'Huez. Helaas bleek niet alleen het KWF een dankbare ontvanger te zijn. De oprichter van het evenement gaf zichzelf via een slinkse constructie zo'n twee ton aan salaris. Het KWF wist als medebeheerder van het geld van de situatie, maar had daar naar eigen zeggen niets over te zeggen. Daar fiets je dan zes keer op één dag die berg voor op.

De zaak kwam in augustus aan het licht. Een uiterst ongelukkig moment voor het KWF. De collecteweek stond voor de deur. Voorkomen moest worden dat de collectebus leeg bleef. Honderdduizend vrijwilligers gingen daarom getraind op stap. Ze kregen duidelijke aanwijzingen over hoe ze met alle kritiek moesten omgaan. Ook de familie Van Klink was ditmaal echter voorbereid. Moeder en dochter moesten echtgenoot en vader plechtig beloven helemaal niets te geven. De ons bekende collectant kwam, was er laconiek onder en ging gewoon door naar de buren. Toch voelde het een beetje vreemd. Een vrijwilliger doorsturen voor een dergelijk luttel bedrag gaat tegen je principes in. Vooral als een groot deel van je familie door kanker de dood vond. Maar, je heel veel geld over de rug van doden en zieken toe-eigenen valt niet goed te praten.

Het is niet de eerste keer dat de familie een machtige organisatie boycot. Een halve eeuw geleden mocht mijn oma van moederskant van mijn opa al niet meer aan het Rode Kruis geven. Als zeevarende had hij met eigen ogen de hulpgoederen op de kade in een ontwikkelingsland zien liggen verrotten. Dat deed bij hem de deur dicht. De twijfelachtige besteding door goede doelen is natuurlijk natuurlijk niets nieuws. Veel bleef en blijft aan de strijkstok hangen. Zowel in de westerse wereld als in ontwikkelingslanden en rampgebieden. Een deel van het geld gaat in Nederland op aan administratie, reclame en (hoge) salarissen. Aan de andere kant van de aardbol vallen de donaties soms in handen van corrupte bestuurders. Kortom, overal ter wereld worden mensen beter van de ellende van hun medemens.

Wat doe je als individu tegen deze misstanden? Slechte publiciteit is nooit goed. Vaak weten de goede doelen zich daar toch wel weer uit te praten. Bij overduidelijk wangedrag helpt maar één ding: niet doneren. Je raakt de goede doelen het hardst in hun portemonnee. Zo help je de hulpbehoevenden misschien nog meer.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Rustig slapen

door: Janet van Klink / 13 juli 2013

De anders zo lege publieke tribunes van de raadzalen in Brielle en Rockanje waren een paar keer tot de laatste stoel bezet. Bewoners van boten en recreatiewoningen kwamen massaal in opstand tegen hun gedwongen vertrek.

De colleges van B en W van de geuzenstad en de kustgemeente gaan strikter handhaven. 'Illegale' inwoners kregen na tientallen jaren van gedogen van de ene op de andere dag dezelfde boodschap: vertrekken. In Brielle moesten de mensen die permanent op een boot in de haven wonen plaatsmaken voor toeristen en recreanten. Buurgemeente Westvoorne wilde korte metten maken met de bewoning van caravans en recreatiewoningen. De aangeschrevenen pikten het niet en verzetten zich in de pers en in de raadzaal tegen hun noodgedwongen vertrek. En met succes. Voor de bootbewoners geldt een uitsterfconstructie. Iedereen die nu in de winter in de haven van Brielle ligt mag blijven. De meeste landrotten in Westvoorne krijgen een persoonsgebonden beschikking.

Als niet-jurist wil ik geen oordeel vellen over de juridische kant van deze kwestie. Vanaf de perstribune van Westvoorne in de raadzaal in Rockanje vielen mij de heftige politieke reacties des te meer op. Het algemeen oordeel van de gemeenteraad luidde dat de menselijke maat bij het toepassen van de wet in deze gemeente wel heel erg ver te zoeken was. Schandalig hoe het dagelijks bestuur de burger bij het handhavingsbeleid behandelde. Een raadslid verklaarde zelfs 'nachtenlang van al deze ellendige verhalen wakker te hebben gelegen.' De wethouder moest van de gemeenteraad binnen een maand met oplossingen komen. En zo geschiedde. De Westvoornse politiek kan weer rustig gaan slapen.

Als toeschouwer van de politieke discussies viel me een belangrijk aspect op. De 'illegalen' zijn neergezet als slachtoffers. Waarom? Laat duidelijk zijn. Het gaat hier om mensen die hoogstwaarschijnlijk heel goed wisten dat ze met hun bewoning de regels overtraden. Dan kan je op een dag de gevolgen verwachten. Dat de politiek aandringt op een gedoogbeleid is een wettelijke keuze. Maar houd de motivatie zakelijk. Want wie wordt door dit besluit pas echt getroffen? De burgers die nooit in een recreatiewoning zijn gaan wonen of daar zijn uitgezet of zelfs voor veel minder grote zaken dwangsommen betaalden en geldverslindende procedures tegen de gemeente voerden. Deze groep heeft al lang verloren en is nu uitgespeeld.

Voor de politieke partijen lijkt het weinig uit te maken wie de winnaars en verliezers van het handhavingsbeleid zijn. In aanloop naar woensdag 19 maart 2014 hoeven ze net als bij de jop alleen maar voor redder in nood te spelen. Voor de gemeenteraadsverkiezingen telt iedere stem. Die van iedere inwoner - in een huis, recreatiewoning, caravan of op een boot - is dan natuurlijk mooi meegenomen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Waarschuwingsplicht

door: Janet van Klink / 31 mei 2013

Bewoners van een nieuw appartementencomplex in Oostvoorne zijn boos. Zonder hun medeweten staat er straks een jongerenontmoetingsplaats (jop) voor hun neus.

De pas dit jaar opgeleverde appartementen staan tegenover een prachtige ruïne. Op die plek vertoefde ooit de roemrijke gravin Jacoba van Beieren. De bewoners kochten hun luxe appartementen - waarvan het penthouse bij één miljoen euro kost - met de wetenschap dat het naastgelegen grasveld een paar keer per jaar zou worden gebruikt als evenemententerrein. Ze wisten toen niet dat ze ook nieuwe buren zouden krijgen. De gemeente nodigde de omwonenden en organisatoren van evenementen onlangs uit om een plek voor de jop op de Hofwei aan te wijzen. Dit weigeren ze. De omwonenden kondigen in plaats daarvan een schadeclaim aan.

Natuurlijk is de jop heerlijke kost voor de lokale en regionale journalistiek, waaronder ik. Boze burgers in de krant. Kan het nog mooier? Voor nieuws hoef je zo niet ver te zoeken. Het komt vanzelf naar je toe. Vooral als de politiek er nog een schepje bovenop doet. De wethouder krijgt het ene verwijt na het andere naar zijn hoofd geslingerd. Enkele raadsleden namen het hem deze week bijzonder kwalijk dat hij niet van tevoren met de omwonenden heeft gesproken. 'Niet erg handig,' luidde de mildste reactie. Een ander verweet hem zelfs dat hij de raad willens en wetens verkeerd heeft voorgelicht.

Ik kan me de woede van de bewoners van het appartementencomplex goed voorstellen. Hebben ze hier al die jaren voor geleefd? Om vanuit hun chique optrekje naar een stel snotneuzen te kijken? Het is de taak van de media om deze kritiek op het gemeentelijk beleid naar buiten te brengen. Persoonlijk vind ik de keuze voor deze locatie bovenal van weinig cultureelhistorisch besef getuigen. Het zou hetzelfde zijn als de jeugd over zes eeuwen naast de restanten van Paleis Huis ten Bosch aan het chillen zou zijn. Onvoorstelbaar. Ik begrijp dan ook dat de bewoners totaal overdonderd zijn. Wie verwacht nu dat er zo'n gedrocht komt op de belangrijkste locatie van het dorp?

Maar, het verhaal zit toch iets genuanceerder in elkaar. De omwonenden hadden op de hoogte kunnen zijn. Het ontwerpbestemmingsplan waar de jop onder valt lag tot en met 3 april ter inzage. Ik heb hier in de krant van woensdag 27 maart nog melding van gemaakt. De gemeenteraad ontving de zienswijze van de bewoners van het appartementencomplex bijna twee weken te laat. Misschien valt de wethouder iets te verwijten, maar formeel niet. Hij doorliep de gebruikelijk procedures om de burgers te informeren. De politiek had ook voortijdig kunnen waarschuwen. Was er dan niemand die een briefje daar in de bus kon doen of persoonlijk langsgaan? Alle politici wisten van het voornemen, maar pas achteraf namen ze actie.

Zo worden de jongeren en bewoners van het appartementencomplex ingezet voor politiek gewin. De gemeenteraadsverkiezingen zijn immers al volgend jaar. Een paar stemmen extra kan uiteraard nooit geen kwaad. Voor de burgers zit er dus uiteindelijk meer één ding op: wees altijd zelf op je hoede.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Neutrale dag

door: Janet van Klink / 13 april 2013

Op 5 mei viert Nederland de vrijheid. Eigenlijk moeten pas in augustus alle vlaggen worden gehesen. Toen het vaderland was bevrijd werden landgenoten aan de andere kant van de wereld nog maandenlang onderdrukt.

In aanloop naar 4 en 5 mei staan verhalen over de Tweede Wereldoorlog weer in de media centraal. Herinneringen aan de joodse slachtoffers, daden uit het verzet, optreden van de bevrijders en anekdotes over de bevrijding. Bijna zeventig jaar later komen er ieder voorjaar onvertelde verhalen boven. In bijna alle gevallen hebben die één ding gemeen: de gebeurtenissen spelen zich af op Europees grondgebied. De onderdrukking, de strijd en de overwinning op nazi-Duitsland. Maar, op het moment dat in Nederland de feestvreugde losbarstte stierven er nog steeds landgenoten. Op duizenden kilometers afstand. In Nederlands-Indië. Tot op de dag van vandaag is dat voor veel overlevenden op 5 mei een wrange gedachte.

Pas op 15 augustus 1945 kwam er door de capitualtie van Japan een einde aan de oorlog in de kolonie. De vrede bleek geen vrijheid. Nederlanders stierven door ziekte en verzwakking. Japanse militairen kregen zelfs de opdracht de orde en rust te bewaren totdat de geallieerde troepen de macht konden overnemen. De Bersiap-periode brak aan. Velen keerden terug naar het vaderland. Pas in 1970 is op 15 augustus de eerste Indië herdenking in Den Haag gehouden. Tien jaar later werd dat een jaarlijkse gebeurtenis. De media-aandacht is niets in vergelijking met 4 en 5 mei. Wat voor de nabestaanden misschien nog erger is: vrijwel niemand vlagt op die dag. Van gezamenlijk verdriet en vreugde is meer dan een halve eeuw later nog altijd geen sprake.

Hoe mooi is het dan niet dat de plaquette voor de oud-leerlingen van de hbs in Brielle dat onderscheid niet maakt. Al in 1947, toen de inzamelingsactie voor een blijvende herinnering op initiatief van de reünisten begon. De 32 namen zijn omgekomen (joodse) burgers, militairen, koopvaardijmensen en verzetsmensen. Ze zijn in verschillende fases van de oorlog en in werelddelen omgekomen. Van het eerste Nederlandse oorlogsslachtoffer in november 1939 in Venlo tot aan een vrouw die ziek uit een jappenkamp kwam en in februari 1946 op weg naar huis op een schip overleed. Die twee kwamen om toen voor Nederland de oorlog nog niet begonnen was en al was beëindigd. Maar, voor hun oud-klasgenoten was een slachtoffer een slachtoffer. Ooit waren zij allemaal leerling van die statige hbs.

De namen op de plaquette tonen iets fundamenteels. Ieder mens is gelijk. Tot de dood toe. Dat was in de Tweede Wereldoorlog, overal ter wereld, wel anders. Nabestaanden komen eind april voor de onthulling van de plaquette in het nieuwe schoolgebouw naar Brielle. Net als in 1949. Alleen wordt die niet net als 64 jaar geleden op 4 mei onthuld. Dat gebeurt nu op een neutrale dag.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Persoonlijk frustratieplatform

door: Janet van Klink / 28 februari 2013

De rubriek 'lezers schrijven' zou iedere week een pagina in de lokale krant kunnen beslaan. Burgers zetten massaal hun frustraties op papier. Of dit helpt is maar de vraag.

'Geachte redactie, hopelijk bent u bereid mijn brief in uw krant te plaatsen.' Regelmatig verschijnt dit verzoek in mijn mailbox. Meestal zijn de brieven van dezelfde schrijvers. Want, ze barsten pas goed los als hun bericht al een keer in de krant heeft gestaan. De betrokken burgers willen het liefst iedere week hun hart luchten overal allerlei zaken in de gemeente: de hoeveelheid hondenpoep, de bouw van een bejaardenhuis, de locatie van een discotheek, de komst van strandhuisjes en de onrechtmatige besteding van subsidies. Over bijna elk denkbaar onderwerp hebben ze een mening.

De enorme lokale betrokkenheid is een landelijke trend. Het EO-programma 'De Vijfde Dag' bracht half januari een documentaire over veelschrijvers naar overheden. Heel herkenbaar. Brievenschrijvers richten zich aanvankelijk slechts op één onderwerp. Vaak iets wat hen direct raakt, zoals een aanbouw van de buren of de uitstoot van een fabriek. Als de gemeente niet goed reageert, procederen ze tot aan de hoogste instantie om hun gelijk te krijgen. Dat niet alleen. Ze klimmen ook in de pen voor tal van andere onderwerpen waar naar hun mening de burgers groot onrecht wordt aangedaan. Tot aan de koningin toe. De schrijvers zijn strijders voor rechtvaardigheid!

Of al die brieven effect hebben? 'De Vijfde Dag' schetste de gevolgen. Veelschrijvers zetten ambtenaren aan het werk. Zij moeten veel tijd aan de klachten besteden. Tijd is - ook voor de overheid - geld. Soms antwoorden gemeenten na verloop van tijd helemaal niet meer. De boze burgers komen op een zwarte lijst. Voor een lokale krant ontstaat een soortgelijke situatie. Een goed onderbouwde brief is altijd welkom en draagt bij aan een kritische inhoud. Niet als lezers wekelijks over hun ergernissen schrijven. Dan hebben de bijdrages niets met meer een 'lezers schrijven' rubriek te maken, maar is die rubriek meer een 'persoonlijk frustratieplatform'.

De meeste veelschrijversbrieven belanden dus in de prullenbak. Wat zou er gebeuren als een redactie die toch iedere week zou plaatsen? Ik neem aan dat die brieven effect hebben. Maar, het tegenovergestelde. Lezers nemen de schrijvers en zelfs de krant niet meer serieus. Of ze lezen hun berichten helemaal niet meer. Ik geloof nooit dat het helpt om je frustraties zo vaak publiekelijk te uiten. Niet alleen de gemeente zet je buitenspel, maar ook het publiek. De schrijvers zijn dan de grootste verliezers. Ongeacht of ze strijden voor de goede zaak.

Schrijvende lezers zijn geen columnisten. Ze mogen niet verwachten dat hun brieven iedere week in de krant staan. Dat is ook voor hun eigen bestwil. Mijn raad aan de veelschrijvers is: stop! Publiceer op het juiste moment en over onderwerpen waar het echt om gaat. Dan bereik je uiteindelijk veel meer.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Papegaaiengedrag

door: Janet van Klink / 2 februari 2013

Het is toch gebeurd. Koningin Beatrix maakte vorige week bekend afstand te doen van de troon. Bijna 33 jaar na haar moeder. De vorstinnen deden dit ieder op hun eigen manier.

Ook in 1980 deden de geruchten over een abdicatie al jaren de ronde. Op de laatste dag van januari was het zover. De aankondiging kwam als een verrassing. Zelfs voor de ministersploeg. De NOS moest een paar uur van tevoren voor de opname naar paleis Soestdijk komen. Daar aangekomen bleek dat vorstin en opnameploeg een andere kijk op de uitzending hadden. Koningin Juliana wilde uitdrukkelijk haar papegaaienkooi op de achtergrond. De NOS vond dit geen goed idee. Immers, dan zou het volk twee keer te horen krijgen dat zij zou gaan aftreden. De eigenzinnige Juliana zou echter niet van haar standpunt hebben willen afwijken. Uiteindelijk draaide de camera zodanig dat het dier tijdens deze historische opname niet in beeld kwam.

Haar dochter valt geen papegaaiengedrag te verwijten. Koningin Beatrix hield de aankondiging van haar abdicatie zichtbaar strak in de hand. De opname door de RVD in plaats van de NOS zorgde er niet alleen voor dat het nieuws niet uitlekte. Ook over de uitzending was vooraf erg goed nagedacht. Geen gesteggel vooraf over wat wel en niet in beeld moest komen. Gewoon een bloemetje op tafel, een schilderij aan de muur en een lamp op de achtergrond. Sobere blauwe kleding. De omgeving leidde kortom niet af van de gewichtige woorden van de koningin. Met de tekst kon bovendien niets misgaan. Haar boodschap en dankbaarheid richting het volk - hoe welgemeend - waren strak van de autocue afgelezen. Zo regeerde de vorstin duidelijk dit voor haar zo belangrijke moment.

Ik begrijp daarom niet waarom veel Nederlanders zo geraakt zijn door de aankondiging van de abdicatie. Het is niet alleen wat je zegt, maar ook hoe je iets zegt. Deze koningin is een perfectionist. Dat is een goed streven. Tegelijkertijd kan perfectionisme spontaniteit en dus een zekere warmte tegenhouden. Zelfs de camera stond letterlijk op een zekere afstand van haar. Ik vond deze boodschap van de 'moeder van alle Nederlanders' na meer dan dertig jaar koningschap te zakelijk. Haar moeder deed meer dan dertig geleden juist bijna het tegenovergestelde. Zij zat in haar eigen kamer. Omringd door haar eigen spullen. Alsof je bij haar op bezoek was. Haar woorden las zij van een papiertje, terwijl de camera langzaam op haar inzoomde.

Desalniettemin heeft de NOS in 1980 gelijk gehad. Een papegaai - een dier dat staat voor gekkigheid - hoort niet in zo'n historisch moment thuis. Voor een vorstin is het niet alleen belangrijk wie je bent, maar des te meer je wat bent. Monarchie moet bovenal waardigheid uitstralen. Een beetje zakelijkheid is noodzakelijk. Het is dus toch maar goed dat Beatrix haar moeder niet helemaal heeft nagedaan.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Nieuw(s)jaar

door: Janet van Klink / 28 december 2012

Met 31 december in aantocht ontkomen televisiekijkers er bijna niet aan. De jaaroverzichten 2012. Iedere zichzelf respecterende omroep zendt er minstens één uit.

Minstens één. Want, de grote omroepen in het kleine Nederland kunnen niet meer met één jaaroverzicht voor de dag komen. Recordhouder dit jaar is de NOS. De publieke omroep heeft niet minder dan zeven jaaroverzichten: voor het Journaal, de sport, de Olympische Spelen, de Paralympische Spelen, het Koninklijk Huis, het Jeugdjournaal en de doden. Ook de commerciële omroep wil zich onderscheiden. De zender RTL brengt aparte jaaroverzichten over de onderwerpen waar die heel het jaar al in uitblinkt: de economie en de showbizz. Tja, voor ieder wat wils.

Het is natuurlijk te verklaren waarom nieuwszenders een eigen jaaroverzicht hebben. De onderwerpen zijn grotendeels hetzelfde, maar ieder programma brengt het nieuws op een andere manier en heeft een eigen publiek. Een jaarlijkse terugblik is ook meer een gewoonte geworden. Zonder jaaroverzicht ben je niemand in medialand! Waarom maken de omroepen dan ook nog eens onderscheid tussen onderwerpen? Waarom moet de NOS zeven jaaroverzichten uitzenden? Wat mij betreft kunnen die beperkt worden tot het Journaal, de sport en het Jeugdjournaal. De overige vier overzichten passen daar prima in.

Ik vind jaaroverzichten sowieso niet meer zo van deze tijd. In het pre-televisietijdperk blikte het Polygoon Journaal terug op het jaar. Dat was bijzonder nuttig toen we beelden alleen in de bioscoop konden zien. De jaaroverzichten waren ook nuttig toen we alleen nog televisie hadden. In het pre-internettijdperk had Nederland waarschijnlijk uitgekeken naar de spectaculaire turnoefening van Epke Zonderland tijdens de Olympische Spelen. Nu is zijn naam op Google in te tikken. Een terugblik staat 24 uur per dag, zeven dagen per week tot ieders beschikking.

Jaaroverzichten hoeven natuurlijk niet alleen voor bepaalde fragmenten te worden uitgezonden. Die zijn met de nodige analyses meer evaluerend geworden en lijken antwoord te moeten geven op prangende vragen als: waar staan we met het land? Wat hebben we gepresteerd? Wanneer hebben we gefaald? We voelen ons bij het terugzien van de beelden weer even massaal trots op Epke, leven mee met prins Friso en ergeren ons aan het nieuwe kabinet. De vele jaaroverzichten maken de balans op van 2012 en maken ons trots, verdrietig en woedend.

Ik ben nu al benieuwd naar de volgende jaaroverzichten. Voor nieuws hoefde je in 2012 niet ver te zoeken. Wat gaat 2013 bieden? Voor de media is dat zonder vlammende Olympische Spelen onzeker. Tussentijdse verkiezingen zijn inmiddels meer regel dan uitzondering. Alleen iets onverwacht kan de media redden. Een troonswisseling?

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Eeuwige vlam

door: Janet van Klink / 26 oktober 2012

Woensdag plaatste het AD eens een artikel over mij. Ik had me ingezet voor de verplaatsing van een plaquette voor oorlogsslachtoffers. Deze week was het zover.

Twee jaar na de bevrijding besloten de reünisten van de hbs in Brielle dat er een blijvende herinnering aan hun 32 gevallen schoolmakkers, waaronder mijn oudoom, moest komen. Een inzamelingsactie volgde. Op 4 mei 1949 was de onthulling van de plaquette in de vestibule van het schoolgebouw. Een aanwezig familielid wist zich 62 jaar later nog te herinneren dat het zwart van de mensen zag. In die eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog moet de plaquette een centrale rol in de school hebben gehad. Niet alleen bij dodenherdenking. Zo zou een lerares liefdevol voor een bloemetje bij het kleine monument hebben gezorgd.

De hoofdingang van het schoolgebouw verplaatste echter ergens in de jaren zeventig en de plaquette raakte in de vergetelheid. Mijn opa vertelde mij jaren geleden wel over een monument in de middelbare school waar zijn op een onderzeeboot gesneuvelde oom nog op moest staan. Ik onthield dat. Vorig jaar zag ik de plaquette pas voor het eerst. Ik schrok. De ooit zo statige vestibule was nu meer een opslagruimte. Waarom hing de plaquette daar dan nog? Vrijwel niemand zou die 32 namen lezen. We moeten toch een beetje respect hebben voor oorlogsslachtoffers die vaak niet eens een graf hebben.

Niet iedereen ziet het belang in van een blijvende herinnering. Zo bleek al eerder in familiekring. Een herinneringsplaat voor mijn in Indië onthoofde achterneef belandde ooit tussen het afval! Waarom doen mensen dit? Ik vermoed dat een dergelijke lakse houding geen kwestie van willekeur is. Het past eerder bij de Nederlandse volksaard. Neem het Nationaal Monument op de Dam in Amsterdam. Dat staat centraal bij de jaarlijkse Nationale Dodenherdenking op 4 mei. Zelfs de koningin rouwt daar om alle gevallenen. De rest van het jaar luiert iedereen gewoon op het belangrijkste oorlogsmonument van het land.

Hoe anders vereert men oorlogsslachtoffers in het buitenland. Geen denken aan dat ik ooit het graf van de onbekende soldaat in Warschau betreed. Word ik meteen door twee militairen in de kraag gegrepen! Dat zal ik om dezelfde reden ook maar niet in Rome of Moskou proberen. Daarnaast branden eeuwige vlammen. Nooit zal de bevolking vergeten wat er in die donkere dagen is gebeurd. Kortom, in vele andere hoofdsteden worden nationale monumenten met groot respect behandeld. Alleen in het land van dominees en kooplui gaat men na 4 mei gewoon weer over tot de orde van de dag.

Brielle vergeet de omgekomen oud-leerlingen de komende jaren vast en zeker niet. De plaquette verhuist volgend jaar naar het onlangs geopende schoolgebouw. Dan krijgt die eindelijk weer een plek tussen de leerlingen. Saillant detail: naast de 32 namen staat een vlam afgebeeld. Ook hier blijft het vuur dus - voorlopig - voor altijd branden.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Verkiezingsmoe

door: Janet van Klink / 17 september 2012

De Tweede Kamerverkiezingen zijn hoogtijdagen voor politicologen. Althans, dat zou zo moeten zijn. In werkelijkheid ben ik blij dat Nederland heeft gestemd.

In de weken voor 12 september was er werkelijk geen ontkomen meer aan: overal in de media doken lijsttrekkers en overige kandidaten op. Vooral televisiemakers waren dol op de verkiezingen. Wat is daar mis mee? Bij de actualiteitenprogramma's kan en moet je hun aanwezigheid ook verwachten. Reportages bieden ons inzicht in de warrige wereld van politiek. Waar staan alle partijen voor? Wie zijn die mensen die ons zo nodig willen vertegenwoordigen? Hoe de steken campagnes in elkaar? Bovendien kunnen debatten in een maatschappij met zwevende kiezers veel duidelijkheid scheppen. Kiezers konden door de vele scherpe discussies op televisie bewuste keuzes maken. Zo viel er op 12 september echt iets te kiezen.

Die keuzes waren nodig. Maanden geleden vroegen bekenden mij: 'weet jij op wie ik straks moet stemmen? Ik stem altijd op dezelfde partij, maar nu weet ik het echt niet meer.' Helaas! Stemadvies geven doe ik (uiteraard) niet. Daar zijn campagnes voor! Wat bleek? Mijn bekenden waren maanden later nog in verwarring. Dat niet alleen. Ze kotsten op dinsdagavond 11 september van al die koppen op tv. Dacht je na 'EenVandaag' tot 'Nieuwsuur' drie uur zonder verkiezingen te kunnen kijken; dan had je het mis. Bij 'De Wereld Draait Door' waren de lijsttrekkers wekenlang aan. Nee, dus weer met die hand naar de afstandsbediening om noodgedwongen te zappen naar een ander zender. Terwijl je hiermee al bij 'Koffietijd' was begonnen.

Een bekend Engels gezegde luidt: 'less is more'. Voor menig kiezer ging deze regel in aanloop naar 12 september blijkbaar op. Alle media-aandacht was gewoon teveel. Toch is de kijker niet alles ontgaan. De rol van de peilingen lijkt wel van groot belang. VVD en PvdA hebben niet voor niets aanzienlijk gewonnen en veel middenpartijen 'leeggezogen'. De campagnes werden de laatste dagen neergezet als een titanenstrijd en dat begrepen de kiezers. Mijn kennissen kondigden het vooraf en achteraf ook al klip en klaar aan. 'Nee, ik ga toch geen SGP stemmen, maar lekker strategisch.' Een D66'er vertelde dat ze dit keer een uitstapje naar de VVD heeft gemaakt. Alles om maar te voorkomen dat de 'linkse bende' de verkiezingen zou winnen.

In die overvloed aan informatie waren de nodige analyses. Ik vond die van het programma 'Man Bijt Hond' ronduit treffend. Een verveelde caissière zei: 'wij wachten altijd tot op het laatste moment met stemmen. Dan stemmen we op de grootste partij in de peilingen en hebben gegarandeerd een leuke avond.' Gezien de uitslag hebben de meeste kiezers net als zij een 'leuke avond' gehad.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Goud voor Oranje

door: Janet van Klink / 10 augustus 2012

De opening van de Olympische Spelen in Londen was met Queen Elizabeth, James Bond, Rowan Atkinson en Paul McCartney één groot Brits feest. Dat bleef het de volgende twee weken. Van de 204 vlaggen die het stadion werden binnengedragen domineerde er één de media: the Union Jack.

NOS-correspondent Arjen van der Horst neemt iedere ochtend de Britse kranten door. Zijn analyses leveren opmerkelijke resultaten op. De Olympische successen van het thuisland worden breed uitgemeten. Voorpaginanieuws! Terecht. Een gouden plak verdient een ereplaats in de krant. Buitenlandse winnaars krijgen echter opmerkelijk minder aandacht. Op een gigant als sprinter Usain Bolt na. Hij won donderdag na de 100 meter ook de 200 meter. Of zou dat zijn geweest om het 9-2 verlies van de Britse hockeyers tegen Nederland diezelfde avond te verbloemen? Slechts één krant berichtte over de vreselijke nederlaag in de halve finale van het Olympisch hockeytoernooi bij de mannen.

Een nieuwsbericht dat zich beperkt tot een aantal regels is voor een winnaar vernederend. Wielrenster Marianne Vos overkwam erger. Columniste Jan Moir van Daily Mail noemde haar botweg 'some bitch from Holland', nadat de Nederlandse haar landgenote tijdens de wegwedstrijd versloeg. Schrijven vanaf een pc is altijd de veiligste weg. Een uitnodiging van RTL4 sloeg Moir af. Wel volgde een e-mail, maar zonder excuses. Een bezoek van oud-judoka Dennis van der Geest aan het kantoor van Daily Mail leverde weinig op. Mevrouw was niet aanwezig. Van de Britse kranten is het onprofessioneel om zo te schrijven. Ook in de sportjournalistiek moet verslaggeving enigszins evenwichtig zijn. In ieder geval met de nodige aandacht voor verliezen en successen van alle nationaliteiten.

Nog erger is een journalist die voor het oog van de natie een landgenoot afvalt. Mart Smeets lijkt op het eerste gezicht een vaderlandsgetrouwe man. 'Wij hebben weer goud!' Ik hoor hem die zin zo vaak uitspreken. Niets is minder waar. Hij weet eveneens wat schofferen is. Volleybalster Manon Flier plaatste zich met de nationale ploeg niet voor de Olympische Spelen. Reden genoeg voor Smeets om haar genadeloos aan te pakken. De reacties in het land liegen er niet om: afzeiktelevisie! Uit een poll blijkt dat bijna driekwart van de Telegraaflezers vindt dat hij nu echt weg moet. Op het internet geven kijkers hun ongezouten mening. 'Mart Smeets is een volgevreten zakkenwasser die allang zonder gouden handdruk weggeschopt had moeten wezen.'

Eén persoon wist Mart Smeets tijdens de Olympische Spelen van zijn troon te stoten. Kroonprins Willem-Alexander gaf hem er tijdens een televisie-interview onverwacht van langs. Hij had Smeets acht jaar geleden horen zeggen dat hij paardensport geen sport vond. De zelfverzekerde journalist sputterde na deze confrontatie even tegen en schakelde snel over op een ander onderwerp. Goud voor Oranje!

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

De familiepremier

door: Janet van Klink / 10 juli 2012

Weg met die vrijgezel! Nederland heeft in deze tijden behoefte aan een familiepremier. Een vader die weet wat zijn volk echt nodig heeft. Diederik Samsom lijkt er klaar voor.

De PvdA-lijstrekker laat zich in het verkiezingsspotje zien als een keurige huisvader, die liefdevol boterhammen voor zijn twee kinderen smeert. Hij kreeg in de afgelopen weken echter harde kritiek op zijn optreden. Samsom mag zijn kinderen niet als stemmentrekkers gebruiken. Op tv, in de dagbladen en op Twitter verschenen negatieve berichten van zowel bekende als onbekende Nederlanders. Terecht. Nederlanders krijgen pas op hun achttiende actief en passief kiesrecht. Deze minderjarigen doen volop mee in de campagne. Natuurlijk, ze zijn niet de eerste kinderen die voor hun vader stemmen moeten trekken. Lilian Marijnissen stond in 1989 al op een verkiezingsaffiche.

Samsom is wel de eerste politicus die zijn gehandicapte kind inzet. Hij spreekt vol bewondering over zijn dappere dochter Benthe, die haar beperkingen weet te overwinnen. Zij is zijn 'drive'. Samsom laat zo duidelijk zien dat hij anders is dan vrijgezel Mark Rutte, de liberale tegenstander. Hij neemt ook een andere houding in dan zijn voorganger bij de PvdA. Job Cohen, nog niet zo lang geleden de gedoodverfde premier, heeft een gehandicapte vrouw. Meer dan dit feit is de Nederlandse kiezer bijna niet over haar te weten gekomen. Ik waardeer het als mensen geen gebruik of zelfs misbruik maken van een handicap. Beperkingen overkomen je, maar zijn zeker geen eigenschappen om trots op te zijn en om mee te koop te lopen.

Voor de jonge Benthe Samsom hoop ik vooral dat zij geen schade van het spotje ondervindt. Zowel nu als later. Theodor Holman van het Parool waarschuwt haar vader dat zij onderdeel van discussies kan uitmaken. Samsom zegt als volgens hem als het ware: 'als ik Nederland niet goed verander, als ik andere, rechtse partijen de kans geef, loopt het slecht af met mijn dochter'. Reden genoeg voor politieke tegenstanders om te zeggen dat zijn standpunten niet goed zijn en wat wel goed is voor Benthe. Metro columnist Luuk Koelman diende zelfs een officiële klacht in bij de Reclame Code Commissie.

De PvdA'er heeft in Nederland een Amerikaanse manier van campagnevoeren ingevoerd. In de VS is het normaal dat kinderen 'in the picture' te staan. Het kan nog veel gekker. Onze zuiderburen hebben voor de gemeenteraadsverkiezing op 14 oktober aanstaande een verstandelijk gehandicapte op de lijst staan. Didier Peleman spreekt en schrijft moeilijk, zo meldt Het Laatste Nieuws, maar wil wel een plaats in de gemeenteraad van Gent. 'Omdat mensen als ik hun stem moeten kunnen laten horen.' Hij staat twintigste op de lijst van CD&V. De gemeenteraad telt 51 leden. Het is niet erg waarschijnlijk dat Peleman wordt gekozen, maar volgens zijn lijsttrekker is dit geen goedkope manier om stemmen binnen te halen.

Levert het inzetten van gehandicapten in verkiezingstijd iets op? Politicologen waarschuwen dat zij juist een negatief effect op de gunst van de kiezer kunnen hebben. Geen goed nieuws dus voor de PvdA; die er toch al niet goed voor staat in de peilingen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Voetbal is geen oorlog

door: Janet van Klink / 8 juni 2012

Vandaag begint het Europees kampioenschap voetbal 2012 in Oekraïne en Polen. Oranje bezocht voor aanvang van het toernooi de verschrikkelijkste plek op aarde. Voetbal is geen oorlog. 'Onze jongens' zijn zich hier nu zeker van bewust.

Het Nederlands elftal gaat naar het voormalig vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau. Ik had vooraf al moeite met dit bezoek. Direct na afloop nog meer. De vrijgegeven beelden laten een weerzinwekkend contrast zien. Jonge, hip geklede, rijke mannen lopen door de beruchte toegangspoort, langs het prikkeldraad, de spoorlijn, de wachttorens en de ovens. Misschien bedoelen ze het goed, maar hun bezoek komt op mij over als (weer) een stukje 'vercommercialisering' van de Holocaust. De plaats waar de grootste massamoord in de geschiedenis van de mensheid is gepleegd staat volop in de belangstelling tijdens een voetbaltoernooi! 'Onbeschrijflijk', 'heftig en 'onvergetelijk'. De reacties van de voetballers zijn natuurlijk oprecht en voorspelbaar.

Ik heb het kamp nog nooit bezocht, maar ook ik begrijp hun gevoelens. Waarschijnlijk weet bijna iedereen - ongeacht of hij of zij een bezoek heeft gebracht - wat zich daar in Polen heeft afgespeeld. Oranje in Auschwitz is dus eigenlijk helemaal geen nieuwsitem. Het NRC Handelsblad heeft een uitstekend artikel gepubliceerd over het bezoek van de voetballers. De krant vergeleek het wereldberoemde vernietigingskamp met de vrijwel onbekende Babi Jar monumenten in buurland Oekraïne. Een plaats bij de hoofdstad Kiev waar in diezelfde oorlog meer dan honderdduizend mensen zijn vermoord. Wat zou het mooi zijn geweest als het elftal (ook) Babi Jar had bezocht. Dan zou hun bezoek veel meer dan een bezoek zijn geweest.

Een bezoek aan Babi Jar is helaas voor het Nederlands elftal inmiddels ook niet echt meer nodig. De echte boodschap van Auschwitz (en Babi Jar!) drong enkele uren na het bezoek al tot de spelers door. Poolse voetbalsupporters maakten in Krakau oerwoudgeluiden richting spelers met een donkere huidskleur. Bondscoach Bert van Marwijk verplaatste de training direct naar een ander deel van het veld. De Holocaust mag absoluut niet met deze vorm van racisme vergeleken worden. Ik vind de oerwoudgeluiden desondanks ronduit schokkend nieuws. De gruwelijkheden in Auschwitz vonden plaats in een uitzonderlijke tijd. In een bezet land. We leven anno 2012. In een vrij en democratisch land. Een mens zou beter moeten weten.

De oorlog 'leeft' in Polen. Auschwitz is nooit vergeten. Het voormalig vernietigingskamp is vandaag de dag een wereldberoemde toeristische trekpleister. De supporters, die waarschijnlijk slechts enkele tientallen kilometers verderop wonen, lijken hier weinig van te hebben geleerd. Laten zij in navolging van Oranje eens een bezoek brengen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Land van hekken en prikkeldraad

door: Janet van Klink / 17 mei 2012

Nederland is het land van de hoge hekken en het prikkeldraad. Veel monumenten en natuurgebieden zijn hermetisch afgesloten voor het publiek. We mochten toch eens een paar oude stenen en takken vernielen.

Vorig jaar bezocht ik de kloosterruïne Foutains Abbey in het graafschap North Yorkshire in Engeland. Een prachtig monument, gelegen in een even mooi, goed onderhouden park. Het viel me meteen op dat bezoekers bijna overal dwars door de overblijfselen van dit eeuwenoude bouwwerk heen mogen lopen. Niet alleen toeristen aanschouwen dit werelderfgoed. Hele Britse gezinnen brengen na het kopen van een entreebewijs of het tonen van hun lidmaatschapkaart hun vrije dag in Fountains Abbey door. Spelend, wandelend of zittend aan 'a cup of tea' in één van de theehuizen. Genietend van de cultuur en de natuur. The National Trust zorgt goed voor haar leden en Yorkshire staat op de kaart.

Hoe anders is het thuis. Zo staat in Oostvoorne de Jacobaburcht, vernoemd naar de beroemde gravin Jacoba van Beieren. Op een enkele feestdag na is daar nooit een bezoeker te ontdekken. De ruïne bevindt zich achter een gesloten hek. Alleen bij het VVV kantoor is tegen een borgsom de sleutel af te halen. Een niet bepaald uitnodigende houding. De Rijksgebouwendienst houdt de toegang voor de massa gesloten. Gelukkig kan tegenover de burcht op het Landgoed Mildenburg van het Zuid-Holland Landschap altijd vrij worden gewandeld. Wat een gemiste kans! De burcht en het landgoed zouden net als Fountains Abbey gezamenlijk een ware publiekstrekker zijn.

Waarom maakt Nederland dan monumenten niet toegankelijker? Natuurorganisaties kunnen er ook een houtje van. Menig toegangsweg is ter bescherming van de natuur met een hek en prikkeldraad afgesloten. Of er loopt een dolle stier. Misschien ligt het aan het eigendom en het beheer. Nederland heeft geen overkoepelende cultuur- en natuurorganisatie. Daarnaast is monumentenzorg in dit land altijd veel meer een kwestie van subsidies en overheid geweest. In Engeland is de 'commerciële uitbuiting' van het erfgoed noodzakelijk om dat in stand te kunnen houden. Het feit dat er in Nederland verschillende eigenaren en meer subsidiestromen zijn wil echter niet zeggen dat de toegangspoorten gesloten moeten blijven.

Ik denk dat de houding meer een gevolg is van de Nederlandse volksaard. Zowel organisaties als burgers zijn bang dat mensen alleen komen om de boel even te vernielen en te vervuilen. 'Gelukkig is het niet toegankelijk. Ik zou dat nooit toestaan. Dan komen ze met al die honden en ruimen niets op,' zei een mevrouw vorig jaar bij de opening van een nieuw natuurgebied achter haar huis. Ze staarde me met grote ogen aan toen ik vertelde dat ook bij mij een nieuw natuurgebied was aangelegd en ik nooit last van de bezoekers heb. Alsof er niet meer zoiets bestaat als simpelweg genieten van de natuur!

De terughoudendheid om eigendommen open te stellen voor publiek houdt niet op bij organisaties. Veel burgers stellen zich eveneens argwanend op tegenover hun medemens. Maar, in het geval van monumenten en natuurgebieden gaat het niet altijd om beschermen. De Nederlandse mentaliteit lijkt eerder: 'geen pottenkijkers'.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Democratie op de proef gesteld

door: Janet van Klink / 21 maart 2012

Koningin Beatrix deed vrijdag vrijwilligerswerk in het kader van de actie NLDOET. Misschien heeft ze die dag de nodige inspiratie opgedaan om haar vrije tijd goed te besteden. De Tweede Kamer ontneemt haar immers een belangrijke regeringstaak.

Het staatshoofd speelt bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen waarschijnlijk geen belangrijke rol meer bij de vorming van een nieuwe regering. Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer is het eens over een wijziging van het Reglement van Orde. Hierdoor nemen de volksvertegenwoordigers straks het heft in handen. Voorbij zijn de televisiebeelden van fractieleiders die achtereenvolgens de koningin bezoeken. Op basis van hun adviezen wees zij een informateur en formateur aan en gaf opdrachten mee. Beatrix had en nam daarin soms ruimte om het proces te sturen. Volgens sommigen zelfs te veel. Het moet daarom allemaal democratischer. Na de volgende verkiezingen komt er binnen één week een debat in de Tweede Kamer, waarin wordt beslist wie het formatieproces zal leiden.

Over de rol van de monarchie in Nederland wordt al langer dan vandaag gesproken. Al gaat het nu niet om een wetswijziging; de Tweede Kamer laat zo zien veranderingen te willen en door te zetten. Tweede Kamerlid Pierre Heijnen (PvdA) stelt dat de verandering zelfs beter voor het staatshoofd zelf is. De formatie in 2010 heeft laten zien dat het van belang is om het 'boven de partijen staan' van het koningshuis te beschermen, omdat de coalitiepartijen de koningin toen 'in het hemd hebben gezet'. Tweede Kamerlid Ineke van Gent (GroenLinks) noemt de verandering 'pure winst voor de democratie'. Iedereen kan meekrijgen wie welke opdracht meegeeft om een kabinet samen te stellen. Van Gent sluit overigens niet uit dat de partijen voor het debat in de Kamer al geheim overleg hebben.

Ik betwijfel of de formatie met deze wijziging democratischer wordt. Sterker, het nieuwe systeem lijkt eerder achterkamertjespolitiek in de hand te werken. Iedere partij wil ook in de Kamer winnen. Kamerlid Van Gent geeft al aan dat er achter de schermen onderhandelingen komen. Misschien werkt een formatie zonder monarch goed in een stabiel land met een tweepartijenstelsel, maar in een consensusdemocratie als Nederland is het toch anders onderhandelen. Zeker met een minderheidskabinet is een persoon die boven alle partijen staat praktisch onmisbaar. Er zijn te veel politici met verschillende achtergronden en motieven die hunkeren naar macht. Als er tijdens de onderhandelingen een patstelling ontstaat, moet iemand die kunnen doorbreken. Een door de politiek geregeerde formatie vraagt dus om sterke partijen en sterke personen die niet enkel voor zichzelf in Den Haag zitten en ruzie met elkaar maken.

De democratie wordt door het intrekken van de rol van het staatshoofd tijdens de formatie op de proef gesteld. Als het aan de kersverse partijleider van de PvdA ligt komt dat moment nog sneller dan gepland. Diederik Samson stuurde na de bekendmaking van het vertrek van PVV-Kamerlid Hero Brinkman aan op verkiezingen. Tweede Kamer, wees dan als de koningin. Handel sterk en vanuit landsbelang.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Doctor is watching you

door: Janet van Klink / 1 maart 2012

Twee Nederlandse media gingen bijna letterlijk over lijken om te kunnen scoren. Het televisieprogramma 'Tussen leven en dood' van Eyeworks op RTL4 leverde misselijkmakende beelden op. Ik kotste echt van de berichtgeving over prins Johan Friso in NRC Handelsblad.

Zo nu en dan zie ik op donderdagavond bekenden op televisie. Op Nederland 1 wordt dan namelijk 'Het Kinderziekenhuis' uitgezonden. De televisiemakers volgen patiëntjes voor, tijdens en na hun behandeling. Vaak komen de meest complexe ingrepen met de nieuwste technieken aan bod. Het Kinderziekenhuis vergeet nooit de menselijke kant van het verhaal. Als oud-patiënt herken ik veel en ken ik sommige artsen. Kortom, een leerzaam en mooi en integer gemaakt televisieprogramma. Eyeworks ging daarentegen bijna crimineel te werk door patiënten zonder toestemming te filmen. Bovenal begrijp ik het VU medisch centrum niet. Voor iedere deelname aan een wetenschappelijk onderzoekje in een academisch ziekenhuis moet ik mijn handtekening zetten. Mijn ouders mogen zelfs niet naar de huisarts voor de uitslag van mijn bloedonderzoek bellen. In Amsterdam gaf de ziekenhuisdirectie ineens hun medewerking aan een sensatiebeluste productiemaatschappij. Het ziekenhuis moet juist een plek zijn en blijven waar ze zich veilig voelen.

Topscorder op het gebied van onethische praktijken is NRC Handelsblad. Van een populair dagblad als De Telegraaf zou een dergelijke berichtgeving over Friso heel erg zijn geweest, maar van dé kwaliteitskrant van Nederland is dit ronduit schandalig. De redactie vindt scoops blijkbaar even belangrijker dan het recht op privacy. Ik heb geleerd dat de journalistiek bijdraagt aan het algemeen belang. Nederland moet inderdaad weten wat Friso is overkomen. Hij is een prins en staat dus in de belangstelling. Het volk hoeft weer niet tot in de details te weten hoe het met hem gaat. Sterker, op basis van deze informatie was het niet mogelijk om uitspraken over de gezondheidstoestand van de prins te doen. Ik vond het dom van haar echtgenoot - de emeritus hoogleraar - om over een patiënt te oordelen die je niet persoonlijk hebt gezien. Artsen verschillen vaak van mening over een diagnose en een behandeling. Omstandigheden kunnen bovendien snel veranderen. Goed, het echtpaar had een betrouwbare bron. Of toch niet?

In het geval van 'Tussen leven en dood' was de bron duidelijk. Het VU medisch centrum had toestemming gegeven voor het plaatsen van de camera's. De berichtgeving over prins Friso is heel anders. Het eerste wat ik me afvroeg nadat ik het bewuste artikel in NRC Handelsblad had gelezen was waar die Oostenrijkse arts bleef. Nu ontkent hij informatie over de patiënt aan de journaliste te hebben verstrekt. Zijn weerwoord maakt de zaak nog veel erger dan die al is. De altijd vlijmscherpe columnist Youp van 't Hek omschreef het echtpaar als dementerend. Persoonlijk vind ik dit een te groot compliment. De journaliste en haar artsechtgenoot wisten natuurlijk heel goed wat ze deden. Ik kan onmogelijk oordelen of die Oostenrijker iets heeft gezegd, maar ik blijf van mening dat als hij dat wel heeft gedaan de journaliste er in ieder geval niet mee naar buiten had mogen komen. Van een emeritus hoogleraar - iemand die het goede voorbeeld moet tonen - had ik anders verwacht.

Gelukkig valt er iets moois uit de discussie over de berichtgeving op te maken. Voor de wet is en blijft iedereen gelijk. Ieder mens heeft recht op (medische) privacy. Of je nu prins bent of niet.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Overtreders van de wet

door: Janet van Klink / 11 februari 2012

Nederland was de afgelopen week in de ban van de Elfstedentocht. Tot verdriet van de schaatsliefhebbers trad de dooi voor de tocht der tochten te snel in. In dezelfde week bleek ook dat ijskonijn Heinrich Boere na bijna zeventig jaar nog steeds niet is ontdooid.

De zaak Boere had bijna zeventig jaar geleden al in Nederland afgesloten moeten zijn. Twee journalisten van het actualiteitenprogramma EenVandaag stonden anno 2012 door zijn toedoen voor de Duitse rechter. De oorlogsmisdadiger beschuldigde de mannen van huisvredebreuk, omdat ze hem met een verborgen camera hadden gefilmd. Op 9 februari oordeelde de rechter dat de aantasting van zijn privacy niet opweegt tegen het belang van vrije nieuwsgaring. De vrijgesproken journalisten Jan Ponsen en Jelle Visser hebben altijd de hoop gehad dat de rechter zou inzien dat het maatschappelijk belang in deze zaak zwaarder telt dan de Duitse regelgeving. Het is 'een bevestiging dat het goed en belangrijk is dit verhaal te vertellen, vooral ook voor de nabestaanden.'

Het vertellen van het verhaal aan een groot publiek is in deze zaak uitermate belangrijk, want de oude man was in zijn jonge jaren niet bepaald een lieverdje. Boere was tijdens de Tweede Wereldoorlog lid van een moordcommando. Hij is in Nederland veroordeeld voor het doodschieten van drie Nederlandse burgers in 1944 en vluchtte naar Duitsland. Als dank voor zijn trouw aan de Führer werd hij Duits staatsburger. Duitsland levert geen eigen oorlogsgevangen uit. Zo leidde de man die zeer ernstige misdaden heeft gepleegd decennia lang een ongestoord leven. De 90-jarige Boere zit nu pas een levenslange gevangenisstraf uit in een gevangenishospitaal.

De zaak Boere maakt me boos en verdrietig. Natuurlijk zijn er de Duitse privacywetten, maar er zijn ook internationale wetten die de schending van mensenrechten niet toestaan. Ik vind het niet moeilijk om te beslissen welk recht zwaarder weegt. Het is wat mij betreft van de zotte dat journalisten niet met alternatieve maatregelen mogen komen om dergelijke misstanden aan de kaak te stellen. Misstanden waar overheden weinig tot niets aan doen. Welk fatsoen zou je überhaupt voor mensen als Boere moeten hebben? Een andere journalist oordeelde dat EenVandaag wel boven alle fatsoensnormen handelde. Hij spoorde Boere al in 2000 op, die vervolgens 'spijt' betuigde. Wat mij betreft kan deze zaak niet vaak genoeg in het nieuws komen.

Ik schrijf deze woorden als nabestaande. Onlangs ontdekte ik een gruwelijk feit. Mijn opa heeft niet alleen een oom tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië verloren. Altijd heb ik gedacht dat zijn volle neef met een koopvaardijschip is ondergegaan. Hij bleek drie weken later zonder enige vorm van proces door de jappen te zijn geëxecuteerd. Zijn ouders kwamen hier pas jaren na de oorlog achter. Er waren immers geen overlevenden die het verhaal konden navertellen. De daders zijn waarschijnlijk nooit voor de rechter verschenen. Niet dat mijn familie weet. Hopelijk durft EenVandaag weer op oorlogspad te gaan. Als nabestaande wil ik de verantwoordelijken met hun misdaad confronteren en de lugubere dood van mijn verre neef aan de wereld vertellen.

Het is ook fijn om te ontdekken hoe het Boere in die jaren in Duitsland is vergaan. Wijsheid komt met de jaren, zo blijkt. Intussen weet hij wat van de wet wel en niet mag en moreel gezien wel en niet kan. Met de zaak wilde Boere volgens zijn advocaat 'slechts een signaal afgeven dat je in Duitsland niet zomaar met een verborgen camera mag filmen.' Hij beseft bovendien maar al te goed dat overtreders van de wet niet zomaar achter de tralies komen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

De betekenis van tolerantie

door: Janet van Klink / 17 januari 2012

Na de commotie over 'de hoofddoek van de koningin' heeft ook Voorne een 'Hoe ver moet je je aanpassen?' discussie. Vrijwilligers van VluchtelingenWerk Brielle vinden niet dat vluchtelingen met een Arabische achtergrond naar een synagoge hoeven. De gemeenteraad is nu 'boos en verdrietig'.

In de gemeente Brielle wonen ongeveer honderd vluchtelingen. Een enthousiast team van zeven vrijwilligers maakt de nieuwe inwoners wegwijs in de Nederlandse samenleving. Ook met een op handen zijnde verhuizing springen ze voor hun vluchtelingen in de bres. VluchtelingenWerk moet van de gemeente van een eigen pand naar een voormalige synagoge verhuizen. De vrijwilligers vrezen dat dit punt voor een vluchteling met een Arabische achtergrond gevoelig kan liggen. In het gebouw zijn nog duidelijke joodse kenmerken te zien. Het argument 'dat moet kunnen in Nederland; het is een kwestie van aanpassen' is voor de vrijwilligers een brug te ver.

De vrijwilligers dachten bij de politiek steun te vinden om de verhuizing een halt toe te kunnen roepen. Hun opmerking schoot bij bijna alle raadsleden echter in het verkeerde keelgat, want tolerantie staat in Nederland centraal. Dit gegeven moeten ze de vluchtelingen meegeven! Wat is een betere plek voor bezinning en ontmoeting dan deze voormalige synagoge? Het gebouw is bijna acht jaar geleden door verzoening ontstaan. Joodse en Palestijnse jongeren uit Israël hebben de verwaarloosde voormalige synagoge gezamenlijk gerestaureerd. Zeventig jaar geleden zaten er nog mensen die zelfs niet konden vluchten. Geen van de Brielse Joden is uit de kampen teruggekeerd.

De politici nemen een moralistisch standpunt in. Het woord tolerantie betekent dat leden van bepaalde groepen ondanks hun afwijkend en door de meerderheid verwerpelijk geachte gedrag niet worden gediscrimineerd. Eeuwenlang leefden hier inderdaad mensen met verschillende achtergronden. Het is wat mij betreft echter de vraag of tolerantie aanpassing inhoudt. Vluchtelingen zouden juist om die reden eveneens het recht hebben om te weigeren naar een synagoge te gaan. Misschien is het zelfs onze plicht respect voor hun overtuigingen te hebben. Overigens was niet erg lang geleden in dit land het volgende gezegde van kracht: 'twee geloven op één kussen daar slaapt de duvel tussen'. Veel Nederlanders leefden niet met elkaar, maar naast elkaar.

Filosofisch gezien kom ik niet uit deze kwestie. Laat ik die dan praktisch benaderen. De wil van de politieke meerderheid geldt in Nederland. Vluchtelingen moeten dus naar de voormalige synagoge. Ik ben geen filosoof of expert op het gebied van integratie, maar wel verslaggever en wil feiten weten. Twee vragen zie ik graag beantwoord: 'hebben de vluchtelingen na de verhuizing moeite met hun nieuwe onderkomen?' 'Zo ja, kunnen en willen ze zich aanpassen?' Ik volg het onderwerp kritisch.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Vergeten victorie

door: Janet van Klink / 15 december 2011

Deze week is het zeventig jaar geleden dat een Nederlandse onderzeeboot drie Japanse transportschepen tot zinken bracht. Op 15 december liep deze Hr. Ms. O16 op een Japanse mijn en zonk binnen één minuut. Aan boord zat een familielid.

Veel wist ik niet over de oom van mijn opa en de wereld waarin hij leefde. Natuurlijk heb ik veel gehoord over het lot van Jorinus Langerveld. Vooral toen de onderzeeboot O16 in 1995 in de Zuid-Chinese Zee werd teruggevonden. 'Oom Jo' is ook prominent in het familiealbum aanwezig. Hij komt via de portretfoto's over als een knappe man met een vriendelijke en intelligente uitstraling. Op een andere bladzijde schittert in officiersuniform aan de hand van zijn bruid. Hun huwelijk in juni 1939 moet de laatste keer zijn geweest dat de familie bij elkaar was.

Vlak voor de oorlog in Nederland uitbrak vertrok Jorinus met zijn vrouw naar Nederlands-Indië. Nadat haar man aan het begin van de oorlog in Azië was omgekomen begon die pas voor tante Trudy. Zij belandde in een jappenkamp. Dit tragische lot bevestigt oud-staatssecretaris Jet Bussemaker in haar boek 'Dochter van een kampkind'. Haar opa was de commandant van de O16. Zij beschrijft hoe haar familie in Nederlands-Indië het nieuws vernam en daarna in een kamp moest. Anton Bussemaker ontving postuum de Militaire Willems-Orde, de hoogste Nederlandse militaire onderscheiding. De acties van de O16 waren het eerste succes van de geallieerde strijdkrachten na Pearl Harbor.

De familie Langerveld in Hellevoetsluis kreeg een half jaar later pas via het Rode Kruis bericht over de dood van Jorinus. Zijn bejaarde vader dacht toen nog dat zijn 35-jarige zoon in januari 1942 op de Javazee was omgekomen. Over de verblijfplaats van zijn schoondochter bleef hij tijdens de oorlogsjaren in het ongewisse. Tante Trudy overleefde haar man 57 jaar. Ook voor de volgende generatie had de ondergang van de O16 gevolgen. Mijn opa wilde na de oorlog dolgraag gaan varen, maar ondervond de nodige tegenwerking van zijn ouders. Uiteindelijk zette hij door en bracht bijna dertig jaar op zee door.

Het is niet vreemd dat het succes en de ondergang van de O16 bij het grote publiek onbekend zijn gebleven. Ik beschouw mezelf als een vrij ontwikkeld mens, maar ook ik wist vrijwel niets over de strijd van de Nederlandse Onderzeedienst aan het begin van de oorlog tegen Japan. De familie Langerveld sprak na de oorlog nauwelijks meer over wat er was gebeurd. Was het dan van 'buitenstaanders' te verwachten dat ze deze heroïsche en tragische geschiedenis van de Koninklijke Marine levend zouden houden?

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Doden online

door: Janet van Klink / 23 november 2011

De grens tussen heden en verleden vervaagt. Iedereen die meer wil weten over zijn of haar 'roots' moet een uur het internet op. Je weet daarna van alle voorouders vanaf eind achttiende eeuw wanneer ze geboren zijn, met wie ze getrouwd zijn, hoeveel kinderen ze gekregen hebben en wanneer ze overleden zijn. Bij die informatie blijft het niet.

Van jongs af aan ben ik geïnteresseerd in het familieverleden. Als meisje heb ik mijn opa's en oma's het hemd van het lijf gevraagd. Helaas is die generatie helemaal uitgestorven. Een tijdperk is voorbij. Twee weken geleden wilde ik meer weten over een oom van mijn opa van moederskant. Hij is tijdens de Tweede Wereldoorlog op de onderzeeboot O16 in de Zuid-Chinese Zee omgekomen. Ik wist bijna niets over hem. Wat moest ik nu? In het digitale tijdperk begin je natuurlijk op het internet. Op de website van de Oorlogsgravenstichting vond ik meteen de gegevens die ik al had. Gelukkig heeft het Streekarchief Voorne-Putten Rozenburg alle edities van de Nieuwe Brielsche Courant van 1875 tot en met 1945 online gezet.

Op de website van het streekarchief ontpopte zich een ware familiegeschiedenis. Niet alleen vond de zoekmachine krantenartikelen over de oom, maar ook over zijn vader. Hij zat aan het begin van de vorige eeuw jarenlang voor de liberalen in het gemeentebestuur. Het leek wel of hij iedere week in de krant stond. De appel valt niet ver van de boom. Politici - waaronder mijn betovergrootvader - maakten elkaar overigens toen al openlijk uit voor leugenaar. Na honderd jaar zijn we niet veel verder. Natuurlijk haalde ik meteen mijn moeder bij het computerscherm. We lagen samen in een deuk. 'Ze plaatsten wel heel erg vaak een advertentie voor een nieuw dienstmeisje of knecht!' 'Je verkoopt toch geen aftands werkpaard?'

Ik raakte door het virus besmet. Op naar Google! Vlug typte ik de meisjesnaam van mijn moeder in. Ik vond achternichten die ik nog nooit van mijn leven heb gezien. Bepaalde talenten blijken in de familie te zitten, want ik ben niet de enige die schrijft. Mijn betovergrootvader heeft zijn nageslacht iets moois nagelaten. Bij het volgende zoekresultaat viel mijn mond even open. Van diezelfde illustere voorvader zag ik ineens de grafsteen. De foto staat op een website die helemaal is gewijd aan Nederlandse begraafplaatsen. Binnen één minuut vond ik ook die van het jong overleden neefje van mijn vader. Dit gaat te ver. Laat de doden in vrede rusten. Ik zie het nut er niet van dat iedereen naar een onbekend kindergraf kan kijken.

Na mijn laatste bevindingen begin ik toch een beetje aan het digitale tijdperk te twijfelen. Natuurlijk is het goed om informatie openbaar te maken. In sommige gevallen geldt dit ook voor privézaken. Wil iedereen zijn gegevens wel op het internet? Wij levenden kunnen ons verdedigen. De doden kunnen slechts stilzwijgend toestemmen. Gelukkig zijn er beperkingen. Voor inzage in het persoonlijk dossier van mijn oom moest ik eerst een officieel verzoek bij het Nederlands Instituut voor Militaire Historie indienen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Onder een andere naam

door: Janet van Klink / 4 november 2011

Politici hebben graag de touwtjes in handen. Eén keer in de vier jaar mogen de burgers naar de stembus, maar daar blijft het dan ook bij. Tussentijdse draagvlakmetingen hebben immers aangetoond dat het besturen beter aan de bestuurders kan worden overgelaten.

De stad Brielle heeft een ambitieus gemeentebestuur. Het historisch centrum moet bekend komen te staan als 'een mooie, schone en sfeervolle winkelstad met veel festiviteiten'. Daar is geld voor nodig. Vorig jaar ontstond het idee om een Bedrijven Investeringzone (BI) aan te wijzen. Iedere ondernemer zou vier jaar lang jaarlijks 595 euro moeten afdragen. De wet schrijft voor dat hier voldoende draagvlak voor moet zijn. Daarom volgde er een draagvlakmeting onder 204 ondernemers. Uiteindelijk waren er zeven stemmen te weinig voor de vereiste tweederde meerderheid. De gemeenteraad stemt volgende week over een nieuw financieringsplan. Ieder bedrijf met reclameobjecten moet vanaf 2012 vier jaar lang jaarlijks diezelfde 595 euro betalen. Een draagvlakmeting is niet aan de orde. De handelswijze van het gemeentebestuur kwam me niet onbekend voor.

Ik was als student vooral bekend om mijn scriptie over de verslaggeving over de Nederlandse missie in Afghanistan. Veel minder mensen weten dat ik daarna onderzoek heb verricht naar de verschillen tussen krantenartikelen over de Europese Grondwet en het Verdrag van Lissabon. Hoewel ik veel aan de missie in Afghanistan te danken heb, ben ik misschien nog wel trotser op mijn tweede scriptie. Het onderzoek toonde aan dat deze besluitvormingsprocedures de wortels van de democratie aantastten. Wat bleek namelijk? In de Nederlandse kranten stonden ten tijde van het referendum op 1 juni 2005 honderden artikelen over de Europese Grondwet. Het Verdrag van Lissabon kwam er drie jaar later met enkele tientallen bekaaid vanaf toen het achtereenvolgens door de Tweede en Eerste Kamer werd goedgekeurd.

Nederland zei massaal 'nee' tegen de Europese Grondwet. Bijna 62 procent van de kiezers stemde tegen. 'Nederland verliest de eigen identiteit' en 'Nederland betaalt te veel aan de EU' of 'Nederlanders raken banen kwijt aan buitenlanders', waren de negatieve geluiden die te horen waren. Na de afwijzing gingen de Europese leiders weer onderhandelen. Premier Jan Peter Balkenende keerde in 2007 verheugd terug van een topontmoeting. De Grondwet bestond niet meer en Europa zou geen superstaat worden. Het woord Grondwet en de symbolen van de Europese Unie waren uit het nieuwe verdrag geschrapt. De staatssecretaris van Europa, Frans Timmermans, gaf toe dat beide verdragen grotendeels hetzelfde zijn. 'Maar, de verschillen zijn zo belangrijk dat we nu niet meer kunnen spreken van een verdrag met een grondwettelijk karakter.'

Een teleurgestelde premier Balkenende stelde direct na het 'nee' tegen de Europese Grondwet dat het Europees beleid te veel door politici was bepaald. De hoge opkomst voor het referendum en de discussie die het onderwerp opriep zag hij wel als een 'doorbraak'. Drie jaar later mocht alleen de politieke elite nog beslissen. Het is natuurlijk gek om burgers eerst om hun mening te vragen en daarna niet. De truc om praktisch hetzelfde beleid, maar dan onder een andere naam, door te voeren komt in de politiek van hoog tot laag voor.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Onderzoek Rekenkamercommissie

door: Janet van Klink / 13 oktober 2011

De Rekenkamercommissie van Bernisse, Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne ligt onder vuur. Het controle-instrument van de gemeenteraden blijkt zelf niet effectief en efficiënt te zijn. De commissie zou een 'duurbetaalde bezigheidstherapie' zijn.

De Gemeentewet verplicht iedere gemeente in Nederland om een lokale rekenkamer of rekenkamerfunctie te hebben. Burgers verwachten waar voor hun belastinggeld. Het gemeentelijk beleid moet daarom worden onderzocht op doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid. Hebben we bereikt wat we wilden? Hebben we gedaan wat we moesten doen? Heeft het gekost wat het mocht kosten? Gemeenten hebben een behoorlijke vrijheid om de lokale rekenkamer of rekenkamerfunctie naar eigen wens in te vullen. De keuze is enorm. Bernisse, Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne hebben gekozen voor dezelfde samenstelling (een voorzitter en twee leden) en voor een gezamenlijke begroting.

Als student Politicologie heb ik ooit een essay over het nut van de lokale rekenkamer geschreven. ''Erg informatief, maar een beetje kritischer had je wel mogen zijn,'' luidde de reactie van de docent. Onlangs verscheen er een landelijk rapport van onderzoeksbureau Berenschot over het functioneren van de rekenkamers. Daaruit blijkt dat er geen directe aanleiding is om de wet te veranderen. De rekenkamers functioneren grotendeels conform het doel van de wetgever. Het is alleen nog wachten op de reactie van minister Piet Hein Donner van Binnenlandse Zaken. Hij schuwt het schrappen van bestuurslagen niet, maar het lijkt er vooralsnog niet op dat dit controle-instrument snel gaat verdwijnen.

Toch zitten de leden van de Rekenkamercommissie van Bernisse, Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne niet stevig op hun troon. Het samenwerkingsverband loopt op 1 september 2012 af. De gemeenteraden willen niet op deze manier verder. Hun reden: inefficiëntie. Slechts een kwart van het budget van ruim één ton gaat naar onderzoek. De drie leden kregen ieder een vergoeding van 10.000 euro. Het gaat dus niet om de tent, maar om de vent. De gemeenten zijn naarstig op zoek naar een andere invulling (lees: goedkopere) van de Rekenkamercommissie. De huidige voorzitter en de twee leden kunnen dus beter op zoek gaan naar een andere baan. Hoewel? Even googelen leert dat ze in ministens twee andere lokale rekenkamercommissies zitting hebben.

Al met al is er een ironische situatie ontstaan. Het controle-instrument is bestempeld als een geldverslindend instituut. Iemand merkte treffend op: ''de rekenkamercommissie moet eigenlijk zelf eens goed worden onderzocht.''

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Historisch besef

door: Janet van Klink / 3 oktober 2011

Vandaag is het 3 oktober. De sleutelstad viert uitgebreid Leidens Ontzet. Dit jaar was er vanwege het 125-jarig jubileum van de 3 October Vereeniging een 'geuzentocht' van Brielle naar Leiden. In de geuzenstad deinzen ze er op 1 april niet voor terug om met geweld de stad in handen te krijgen.

Je kunt Leiden bijna niet meer in. De stad staat vol met kraampjes en kermisattracties. Het ziet er zwart van de mensen. Je zou bijna vergeten waar het allemaal om draait: Leidens Ontzet. De geuzen bevrijdden op 3 oktober 1574 Leiden van de Spanjaarden. Toch houdt de stad vandaag de dag ook eeuwenoude tradities in ere. De echte Leidenaren eten nog altijd, de door de vluchtende Spaanse troepen achtergelaten, hutspot. Op 3 oktober krijgen ze gratis haring en wittebrood. Het voedsel dat de geuzen ooit aan hun uitgehongerde voorouders uitreikten. De inwoners van Leiden zijn de bevrijders nooit vergeten en geven blijk van hun dankbaarheid tijdens de dankdienst in de Pieterskerk.

Als Leidenaar vind ik de viering van 3 oktober leuk om te zien. Meer ook niet. Ik ga liever op 1 april naar Brielle. Daar spelen de leden van de 1 April Vereniging de inname van de enige echte geuzenstad na. Iedere zichzelf respecterende Briellenaar loopt die dag verkleed rond. Je ziet overal poorters, bedelaars, straatmuzikanten, monniken, geuzen of Spanjaarden. Het spel 'de sleutel van de stad' laat zien hoe het er op 1 april 1572 ongeveer aan toe moet zijn gegaan. 's Ochtends komt veerman Coppelstock met zijn bootje aan, daarna naderen de bevrijders met het geuzenschip de stad, 's middags rammeien de geuzen de Langepoort en uiteindelijk vindt de ophanging van de Spaanse commandant plaats. In Brielle is het zonder kermis misschien minder druk dan in Leiden, maar het historisch besef is daar groter.

De geuzenstad en de sleutelstad hebben onuitwisbare historische banden. Na Brielle - 'Libertatis Primitiae' - bevrijdden de geuzen andere Nederlandse steden. Leiden volgde op 3 oktober 1574. De lustrumcommissie van de 3 October Vereeniging wilde die historische banden aanhalen. Met twee schepen zijn de Leidenaren in vier dagen van Brielle naar Leiden gevaren. Ze legden zo goed als mogelijk dezelfde route als de geuzen in de zestiende eeuw af. Voor het vertrek maakten de gasten nog een wandeling langs historische locaties in Brielle. Omgekeerd presenteerde de vestingstad zich op 1 oktober in Leiden. De Briellenaren lieten de Leidenaren op een bomvolle Garenmarkt zien waar ze goed in zijn. Ze bevrijdden stad op geheel Brielse wijze. Met ophanging en al.

Brielle heeft een groot historisch besef. Aan de andere kant mag de stad meer met de tijd meegaan. Brielle kan door meer de commerciële kant van de viering van 1 april op te gaan meer publiek trekken. De viering van Leidens Ontzet heeft echter behoefte aan historische diepgang. Hopelijk valt de samenwerking dan ook niet in het water.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Verleidelijk Leiden?

door: Janet van Klink / 16 augustus 2011

Overal zie je groepjes jonge mensen in Leiden. Duidelijk herkenbaar aan dezelfde tas en vaak ook aan het biertje in de hand. De EL CID-week 2011 'Verleidelijk Leiden' is begonnen! De eerstejaars maken een week lang kennis met de universiteit, het studentenleven, de stad en, last but not least, elkaar.

Love at First Sight? Een beetje ongemakkelijk zullen ze zich daar op die Beestenmarkt toch zeker wel hebben gevoeld. Binnen een kwartier was het ijs gebroken, want overal kom ik de nieuwe vrienden in de historische binnenstad tegen. Het is voor mij een sport geworden om in te schatten wat ze gaan studeren. Die modemeisjes met die grote, tikkeltje overdreven zonnebril waarschijnlijk psychologie. Of misschien pedagogiek? Die ballen in spe hebben niets verbergen: rechten! Ook de studenten klassieke talen hebben zo hun kenmerken. Deze jonge mensen één ding gemeen: in Leiden begint een nieuw leven.

Een leven dat nog lang duurt. Met dit groepje feesten de eerstejaars deze week iedere dag. Iets dat de vrienden - zeker op iedere donderdagavond - tot hun afstuderen zullen doen. Het groepje is lid van dezelfde studentenverenging, woont in hetzelfde huis en brengt natuurlijk de vakantie met elkaar door. Ook zakken de vrienden voor tentamens, vieren de behaalde studiepunten (zes is voldoende) en staan elkaar tijdens het schrijven van de scriptie bij. Ze delen lief en leed. Voor iedere succesvolle Leidse student is het zweetkamertje het eindpunt. Natuurlijk niet voor de vrienden van El CID, want de introductieweek is ook een toekomstig netwerk. Ons kent ons. Ze helpen elkaar na hun afstuderen aan baantjes. In het slechtste geval zien ze elkaar enkel tijdens de jaarlijkse reünie.

Niet iedereen van EL CID gaat naar de reünie. Een groot deel van de vrienden is zelfs al binnen twee maanden verdwenen. De reden? Vaak is het een verkeerde studiekeuze, zijn de vakken niet boeiend genoeg of is de opleiding gewoonweg te zwaar. Snel stoppen scheelt veel geld en voorkomt de nodige schaamte naar de buitenwereld toe. Of hebben de eerstejaars misschien last van onoverwinbare heimwee? Wie zal er niet stiekem op zijn of haar kamertje af en toe zitten te huilen? Het valt soms echt niet mee om in een ruimte van drie bij drie (lees: oud en vies hok) aan één van die romantische Leidse grachtenpandjes voor een veel te hoge prijs te bivakkeren. Veel vrienden zijn ineens vetrokken. Vaak worden de lege collegebanken pas na maanden opgemerkt.

De huidige eerstejaars weten nog van niets. De wereld ligt aan hun voeten. Deze jongens en meisjes gaan hun toekomst gezamenlijk tegemoet. EL CID is slechts het begin. Al is het maar voor één week.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Geld maakt niet gezond

door: Janet van Klink / 26 juli 2011

Geld maakt niet gelukkig. Gezondheid is niet te koop. Het Rijndam revalidatiecentrum weigerde de opbrengst van het 'Nationaal Kampioenschap Frikandellen Eten' in ontvangst te nemen. Het centrum wilde niet met een ongezonde leefstijl worden geassocieerd.

Het is weer barbecuetijd. Ook in het dorp Rockanje. Bij enkele ondernemers ontstond het idee om het dit jaar wat groter aan te pakken. Zij organiseerden op zondag 24 juli het 'Nationaal Kampioenschap Frikandellen Eten'. Binnen een uur moesten de deelnemers zo veel mogelijk van deze snacks naar binnen zien te krijgen. De kinderen konden voor de hoofdwedstrijd tijdens hun eigen competitie aan hun trekken komen. Wat is er mooier om de opbrengst van dit familiekampioenschap aan een goed doel te besteden? Daar dachten ze in Rotterdam blijkbaar anders over. De organisatie was verbijsterd door de reactie van het revalidatiecentrum. Nu gaat de opbrengst van ongeveer 1200 euro naar De Boegspriet in Oostvoorne. Een vakantiebungalow in de duinen die te huur is voor ouderen die slecht ter been zijn of verstandelijk gehandicapten. Ook een instelling die het welzijn van de mens - de volksgezondheid - bevordert. Daar eten de vakantiegangers in de bungalow echter wel af en toe gewoon een frikandel.

Het Rijndam revalidatiecentrum weigerde geld afkomstig van vet voedsel in ontvangst te nemen. De herstellende kinderen moeten als gevolg hiervan misschien enkele leuke activiteiten gaan missen. Misschien valt er wel wat voor te zeggen. Rijndam staat echt ergens voor. Mensen zijn niet in het revalidatiecentrum om plezier te maken, maar om te genezen. Met frikandellen bevorder je de volksgezondheid zeker niet. Dat weet iedereen. Begin jaren negentig was er de milieuvoorlichtingscampagne: "een betere wereld begint bij jezelf". Een half jaar geleden lag ik in het Erasmus MC in Rotterdam. Praktisch om de hoek van het revalidatiecentrum. Na een operatie van vier uur wist het ziekenhuis gelukkig wat ik de volgende dag lekker zou vinden: gebakken aardappels met een grote, vette worst. Een betere wereld begint bij jezelf. Om dan maar te zwijgen over de grote hoeveelheden saucijzenbroodjes en andere snacks die er beneden in het restaurant voor de bezoekers en het personeel te verkrijgen zijn. De gezondheidszorg is zelf ook niet altijd even 'koosjer'.

Wie heeft het 'Nationaal Kampioenschap Frikandellen Eten' uiteindelijk gewonnen? Frikandellen stonden door de weigering van het revalidatiecentrum bijna een week lang volop in de belangstelling. Het onderwerp haalde zelfs de landelijke media. Uit al die filmpjes en artikelen kan iedereen zijn of haar conclusies trekken. Een inwoner van Amersfoort wist er na alle commotie op 24 juli achttien binnen een uur te eten. De echte winnaar? Na alle aandacht stroomden de aanmeldingen uit heel het land om aan het kampioenschap mee te mogen doen bij de organisatie binnen.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Tunnelvisie versus tunnelvrees

door: Janet van Klink / 18 juni 2011

Het is en blijft fascinerend hoe relatief kleine onderwerpen de aandacht van het publiek weten te winnen. Zelfs op een eiland als Voorne-Putten. Een informatiebijeenkomst over de komst van strandhuisjes in Rockanje brengt honderden mensen op de been. In dezelfde week laat slechts één raadslid zich kritisch uit over een nationaal miljardenproject: de tunnel onder de Nieuwe Waterweg.

Het besluit was al voor de informatiebijeenkomst door de gemeenteraad genomen: de strandhuisjes komen er. De vraag was alleen wie de huisjes mag gaan ontwikkelen en verhuren. Drie ondernemers zouden hun plannen aan de bevolking gaan presenteren. Al deze informatie stond keurig in een door de gemeente uitgebracht persbericht. De debatleider had er echter een zware taak aan om de kudde in bedwang te houden. "Heeft het wel zin om hier te zijn?" "Waarom was er geen referendum?" "Deze plannen interesseren ons niet!" Rockanje trok meteen van leer. De avond mondde uit in een massale protestbijeenkomst. Ons strand naar de knoppen, dat moeten we stoppen.

In een buurgemeente waarschuwde een raadslid voor een ander gevaar dat op Voorne-Putten af lijkt te komen. Momenteel speelt de discussie over de aanleg van de twee oeververbinding. Alle gemeenteraden op Voorne-Putten hebben steeds gepleit voor de snelle aanleg van de Blankenburgtunnel, ten oosten van Maassluis en Rozenburg. Aan de andere kant van de Nieuwe Waterweg kiezen de steden Schiedam, Vlaardingen, Maassluis en Delft voor de bouw van de Oranjetunnel tussen Hoek van Holland en Maassluis. Dit tunneltracé zou bestaande bedrijventerreinen en glastuinbouw doorsnijden. Het verdwenen glas kan worden gecompenseerd op Voorne. Burgers lijken zich daar geen zorgen over te maken. Hoewel er in de loop der jaren miljoenen van hun belastinggeld aan het saneren en verwijderen van glas zijn besteed.

Het is dan ook merkwaardig dat het eerste onderwerp veel meer onder de bevolking leeft. In het geval van de strandhuisjes gaat het om een project van één gemeente. Of beter gezegd: het college van B en W. De kosten die met de aanleg van de tunnel gemoeid zijn, zijn hiermee niet te vergelijken. Bij het besluit over de tunnel is zelfs het Kabinet betrokken. Waarschijnlijk de zijn de milieueffecten vele malen groter. Waarom is er dan toch geen tunnelvrees? Zijn de burgers in Rockanje dan zo aangemoedigd door het actiecomité tegen de strandhuisjes? Of was en is er meer aan de hand?

De strandhuisjes staan bovenal symbool voor iets: het gebrek aan vertrouwen in de politiek. U doet maar! Wij pikken dit niet langer! Veel oud zeer kwam tijdens de strandhuisjesbijeenkomst naar boven. De vraag is of dat uiteindelijk voldoende is om de bestuurders kritisch te volgen en hun beslissingen tegen te kunnen houden. Tunnelvisie is ook een politieke zwakheid. Het echte gevaar dringt vaak ongemerkt via de andere kant naar binnen. Straks is de strijd tussen 'Hof van Delfland' en 'Hof van Voorne' al verloren.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Scholen voor scholing

door: Janet van Klink / 12 januari 2011

Vandaag is het precies een jaar geleden dat de aardbeving in Haïti plaatsvond. Ontelbare doden, zieken, daklozen en werklozen waren het gevolg. Onlangs heb ik een artikel geschreven over de hulp van de stichting ‘Vrienden van Haïti Westvoorne’. De foto die ik aangeleverd kreeg vond ik voor een krant niets. Wat moest ik met allemaal ingestorte huizen? Toen begon het tot me door te dringen.

De situatie is nog steeds zo ernstig. Momenteel ligt de nadruk ligt op noodhulp, zoals voedsel, tenten en semipermanente onderkomens. De consul van Nederland in Haïti, de heer Padberg, heeft tegen de stichting gezegd dat van de opbrengsten van de landelijke acties dan ook niet veel zichtbaar is. Achter de schermen is men actief bezig met de voorbereidingen voor de hulpverlening. Er wordt een ambassademedewerker voor ontwikkelingsactiviteiten aangesteld, die mogelijk de moeizame samenwerking tussen de hulporganisaties gaat coördineren. Het is niet eenvoudig. De Haïtiaanse overheid is zeer zwak en corrupt.

De voorzitter van de stichting kent het land gelukkig goed. Meer dan vijfentwintig jaar geleden heeft Ria van der Linde Haïti voor het eerst bezocht om haar adoptiekinderen op te halen. De Rockanjese heeft altijd contact met het weeshuis in Port-au-Prince gehouden en financiële ondersteuning geboden. Zij ging bijna ieder jaar met eigen ogen aanschouwen of het geld goed werd besteed. In september 2009 was de door haar gesponsorde school bij het weeshuis ‘Enfant Haïtien Mon Frère’ af. Door de aardbeving is een deel van het gebouw ingestort. Zij kon dus enkele maanden later helemaal opnieuw beginnen met geld inzamelen en plannen maken.

In mei 2010 is Ria van der Linde naar Haïti gegaan om te zien hoe de situatie daadwerkelijk is. Zij besloot dat er aardschokbestendige woningen op een stuk grond buiten de stad moeten worden gebouwd. ''In Port-au-Prince is het zo'n chaos dat het wel tien jaar kan duren voordat het normale leven daar op gang komt. Blijven is dus geen optie met 66 kinderen. Wij zouden het liefst zien dat er meerdere huisjes komen waarin per woning zes tot acht kinderen onder begeleiding van een moeder of een echtpaar gaan wonen. Om dit te kunnen realiseren moeten wij echter meer financiële ruimte hebben.''

Er is één voordeel aan de grote ramp die Haïti is overkomen. ''Het is daar zo arm, zo schrijnend. Zelfs een hond hier heeft het beter dan de mensen daar,'' zei Ria van der Linde in januari vorig jaar. De moeder van het weeshuis deed tijdens Ria's laatste bezoek voor de aardbeving een wrange uitspraak: ''voor Haïti is het het beste als er een tsunami komt. Dan kunnen we het land helemaal opnieuw opbouwen.''

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Mijn maatschappelijke verandering

door: Janet van Klink / 30 december 2010

Enkele weken geleden deed NRC Handelsblad een lezersoproep voor de kerstbijlage opinie. ''Welke maatschappelijke of technologische verandering heeft uw leven het meest beïnvloed?'' Er verschenen verhalen over uiteenlopende onderwerpen. Wereldgebeurtenissen - variërend van de pil tot de val van de Berlijnse Muur - hebben de levens van velen beïnvloed. Mijn keerpunt: de moord op Pim Fortuyn.

In het voor Nederland zo noodlottige jaar stond ik op het punt om van de status van middelbare scholier naar student over te gaan. Iets meer dan twaalf maanden later ging ik eindexamen doen. Voor die tijd moest de studiekeuze zijn bepaald. Ongetwijfeld zou dat een maatschappelijk georiënteerde richting gaan worden. Ik had immers van jongs af aan een grote belangstelling voor zaken met betrekking tot geschiedenis, media, politiek en recht. Wat dan precies? En waar?

De Tweede Kamerverkiezingen van 2002 waren anders dan voorheen. Pim Fortuyn wist de politieke verhoudingen op te schudden en het debat op te rakelen. De traditionele politieke partijen zochten tevergeefs naar een adequaat antwoord op zijn standpunten en manier van profileren. Een dag na Bevrijdingsdag kwam daar een einde aan. Ik was verbijsterd: ''hoe kon dit gebeuren?'' De eerste politieke moord in honderden jaren.  

Ik ben politicologie aan de universiteit van Leiden, 'het bolwerk van vrijheid', gaan studeren. Waarom Pim Fortuyn uiteindelijk is vermoord ben ik door deze studie niet te weten gekomen. Sterker, tijdens de opleiding is zijn naam nauwelijks gevallen. Die keren zijn zonder te overdrijven op één hand te tellen. Een politicoloog wordt gewoonweg veel breder opgeleid dan deze gebeurtenis uit de vaderlandse geschiedenis.

Mijn aanraking met Pim Fortuyn gaat veel verder. Zijn gedachtegoed is vandaag de dag nog steeds dominant aanwezig. Op mondiaal niveau zijn de verhoudingen tussen naties aangescherpt. Culturele verschillen staan hoog op de politieke agenda. Het nationaal debat mag natuurlijk niet vergeten worden. Had er ooit een Geert Wilders kunnen zijn zonder deze illustere voorganger? Als mediaconsument word ik kortom dagelijks met de erfenis van Pim Fortuyn geconfronteerd.

Ook op een directere manier ontkom ik niet aan de blijvende invloed van de vermoorde politicus. Tijdens mijn werkzaamheden als verslaggeefster heb ik er veelvuldig mee te maken. Op gemeentelijk niveau zijn er sinds 2002 tal van lokale politieke groeperingen ontstaan. Zij proberen gehoor te geven aan de onvrede die onder de bevolking leeft. De zogenaamde kloof tussen burger en bestuur moet worden gedicht. Opnieuw heeft de gevestigde orde moeite met het geven van een adequaat antwoord. Pim Fortuyn is dus niet een episode geweest. Zijn leven en dood waren het begin van een nieuw tijdperk.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Vergaderstructuur versus -cultuur

door: Janet van Klink / 15 december 2010

Lokale politiek. Dit is een verzamelnaam voor één van de laagste bestuurslagen in Nederland. Gemeenten hebben hun structuur gemeen. Snel geconcludeerd wordt deze laag gevormd door een uitvoerend college van B en W, dat wordt gecontroleerd door de gemeenteraad. Opvallend is de vergadercultuur.

De media maken in december de balans van het afgelopen jaar op. Wat is het meest opgevallen? Voor de lokale politieke zou ik uiteraard de gemeenteraadsverkiezingen kunnen noemen. In de gemeente Westvoorne – waar ik persoonlijk het meest bij was betrokken – waren de uitslag en de daaropvolgende coalitieonderhandelingen anders dan voorgaande keren. Van groter belang is dit jaar de uitbreiding van mijn politieke verslaggeving geweest. Sinds enkele maanden volg ik ook de lokale politiek in drie buurgemeenten. Twee elementen zijn mij in het bijzonder opgevallen.

De eerste keer na afloop van een gemeenteraadsvergadering in een andere gemeente was ik verrast toen ik op de klok keek: tien uur! Een politieke bijeenkomst was gewoonlijk niet voor elven afgelopen. Waar wordt dit verschil in tijdsduur tussen gemeenten door veroorzaakt? Het lijkt er in eerste instantie op dat in het geval van de late afloop commissievergaderingen – waarin politieke standpunten dienen te worden gevormd – tijdens de beslissende gemeenteraadsvergadering worden herhaald. Herhaling, herhaling, herhaling. Blijkbaar hebben de partijen dus geen vertrouwen in mijn constante aanwezigheid bij opeenvolgende vergaderingen. De politici twijfelen eveneens aan mijn gehoor. In een tweede termijn – waarin politieke partijen nogmaals op dezelfde avond hun mening tijdens de behandeling van het onderwerp mogen geven – worden standpunten enorm vaak herhaald.  

Daarnaast zijn er grote verschillen in de manier waarop politici en burgers de gelegenheid hebben en krijgen om met elkaar tijdens een commissie- en raadsvergadering te discussiëren. Burgers hebben het recht om te spreken. Inspraak staat niet gelijk aan invloed. Het zou verhelderend zijn wanneer de commissie- en raadsleden direct daarna op de insprekers mogen reageren. Dan kunnen misverstanden uit de weg worden geruimd. Hierin verschillen de gemeenten.

Ik concludeer dat ik – na bijna zes jaar verslaggeving in één gemeente – kennis heb van de gemeentelijke vergaderstructuur, maar ik ben pas sinds kort op de hoogte van de vergaderculturen. Weten de raadsleden van de buurgemeenten dan wel hiervan? Ik heb enkele lokale bestuurders gevraagd naar wat zij van internetuitzendingen van vergaderingen van collega’s vonden. Het meest voorkomende antwoord: ''oh, ik wist helemaal niet dat zij dat daar ook doen.''

Misschien is het in zekere zin goed om onafhankelijk te regeren. Waarschijnlijk toch niet. Er zijn andere politieke toeschouwers. Gemeentelijke herindeling ligt hoe dan ook op de loer. Dan zal er binnen een straal van tien kilometer niet langer sprake meer zijn van een vergaderstructuur met –culturen, maar van één vergaderstructuur en -cultuur.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Media in de lokale politiek

door: Janet van Klink / 1 december 2010

Niet alleen journalisten maken steeds meer gebruik van de mogelijkheden die de nieuwe media bieden. Ook gemeenten zijn zich hier bewust van. Communicatietechnologie is een manier om de ontstane ‘kloof’ tussen bestuur en burger te kunnen dichten. Zowel landelijk als lokaal is dit een groot probleem. Enkele maanden geleden heb ik burgemeester Peter de Jong van Westvoorne naar zijn visie gevraagd. Voor mijn tweede blog wil ik – vanuit het standpunt van de overheid - de (on)mogelijkheden van de oude versus nieuwe media voor de lokale politiek weergeven.

In de afgelopen jaren heeft de gemeente Westvoorne behoorlijk geïnvesteerd in de nieuwe media. De dienstverlening kan daardoor sneller en duidelijker worden. Uiteraard zijn er mensen die nog via de ‘oude manier’ contact met de gemeente zoeken, maar ook de burgers zelf weten dit volgens de cijfers te waarderen. ''Onze website westvoorne.nl wordt drukbezocht,'' stelt een tevreden burgemeester De Jong. De website is overzichtelijker en interactiever geworden. Mensen kunnen zich bijvoorbeeld op officiële bekendmakingen abonneren.

Communicatie ziet de burgemeester persoonlijk als een manier om het legitimatieprobleem op te lossen. ''Ik ben heel veel met internet bezig.'' Zo is hij in januari 2010 begonnen met ‘Twitter’. Er zijn echter nadelen. Op het internet bevinden zich laagdrempelige media waar vooral (dezelfde) jongeren en al politiek geïnteresseerden gebruik van maken. De gemeente moet veel meer groepen bereiken. ''Er zijn verschillende manieren om de burger op te zoeken,'' vindt De Jong. Via Twitter refereert hij daarom vaak naar andere informatiebronnen. Eén daarvan is zijn tweewekelijkse column. Daarin kan hij wat dieper – dan de slechts 140 tekens die Twitter toestaat - op de achtergrond ingaan. ''Het zijn niet twee uitersten. Ik wil zo breed mogelijk benaderbaar zijn.''

De nieuwe en oude media blijven toch contacten ‘op afstand’. Daarom is burgemeester De Jong onlangs begonnen met het maken van een ‘koffierondje’ langs organisaties en instellingen. Op deze manier wil hij beter op de hoogte zijn van wat er onder de bevolking leeft. ''Ik kom daar echt als burgervader.'' Mogelijk praten mensen wat meer vrijuit in hun eigen omgeving.

De gemeenteraadsleden gebruiken sinds kort op hun eigen manier de nieuwe media. Vanaf augustus 2010 worden zij ‘live’ via het internet uitgezonden. De Jong ziet het uitzenden van de raadsvergaderingen als een mogelijkheid om de afstand met de burger te verkleinen en het draagvlak onder de bevolking te vergroten. Dat laatste blijft natuurlijk wel aan de burger om over te oordelen. ''Het geeft bovenal een eerlijk beeld. Hierdoor wordt het makkelijker te zien hoe politiek echt bedreven wordt.''

''Het zijn niet twee uitersten,'' concludeert de burgemeester van Westvoorne over de mogelijkheden van de oude en nieuwe media. Beide media gebruikt hij om meer benaderbaar voor de burgers te worden. 

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu

Waarom nu?

door: Janet van Klink / 30 november 2010

Geboren in het krantentijdperk. Opgegroeid tussen de opkomende digitale media. Toch heb ik tot op heden vooral voor de eerste publicatievorm gekozen. Nu (pas) maak ik door middel van dit blog op professioneel gebied gebruik van één van de mogelijkheden die het internet mij biedt.

Misschien heb ik – onterecht - te veel de traditionele journalistieke uitgangspunten voor een blog gehanteerd. Ik schrijf al jaren artikelen voor kranten. Deze moeten zo veel mogelijk onafhankelijk zijn van invloeden van buitenaf. Een verslag is veelal een gebalanceerde weergave van gebeurtenissen. In een artikel dient het onderwerp centraal te staan. Mijn mening doet er niet toe.

Met een blog zou je de doelen van een journalist grotendeels moeten loslaten. Dat was althans mijn verwachting. Blogs waren naar mijn mening bij uitstek namelijk nietszeggende uitlatingen van individuen. De kwaliteit van teksten is daardoor veelal drastisch verminderd. Zijn de digitale media eigenlijk hiermee wel automatisch een dooddoener voor de traditionele media geworden?

Juist voor mij is een blog een manier om meer lezers te bereiken en te betrekken. Het internet is een aanvullende manier van communiceren voor de traditionele media. Bovendien is er voor journalisten een taak weggelegd om eveneens op het internet kwalitatief hoogstaande verhalen te schrijven.

Onderwerpen die de krant niet halen of niet relevant genoeg voor het lezerspubliek lijken te zijn kunnen zullen hier aan de orde komen. Ik kan in dit blog eveneens dieper op al bekende materie ingaan en kwesties over een langere periode volgen. Het is een uitdaging om lezers te prikkelen door dingen aan de kaak te stellen. De krant is misschien ook een ietwat afstandelijk medium. Een blog maakt de drempel hopelijk lager. Er kan sprake zijn van meer gedachtewisselingen met het publiek.

Ik zal voornamelijk gaan schrijven over zaken die mij raken en waar ik op professioneel gebied mee bezig ben, zoals communicatie, informatievoorziening en politieke aangelegenheden. Daarnaast zijn er genoeg andere personen met duidelijke inzichten en standpunten. Door middel van interviews en gastblogs wil ik hen graag een podium gaan bieden.  

Ik mag bij het schrijven één belangrijk element niet vergeten. Krantenartikelen komen vrijwel automatisch naar lezers toe. Een blog zoekt wordt bewuster bezocht. Lezers verwachten iets van mij. Ik zal daarom proberen de originaliteit en kwaliteit van mijn blog hoog te houden.

Janet van Klink, MA, MSc

Janet van Klink, MA, MSc

Tekstschrijver / Journalist
www.vanklink.eu
janet@vanklink.eu